Willy De Waele's Weblog


11 JULI 2017
zaterdag 22 juli 2017, 17:56
Filed under: TOESPRAKEN

Dit zou een Vlaamse feestdag moeten zijn.

Heeft Vlaanderen echter iets te vieren?

 

Meer dan 700 geleden werd Vlaanderen gebrandschat en leeggeroofd, in opdracht van de Franse koning Filips VI, door landvoogd Jacques de CHÂTILLON

Is na al die eeuwen iets veranderd, inderdaad, er is iets veranderd, de landvoogden noemen nu DI RUPO, LUTGEN, CHASTEL en HEDEBOUW

Maar het brandschatten en roven zijn gebleven.

Je kan er niet naast kijken, het federale België is politiek, taalkundig, cultureel, socio-economisch, financieel in twee totaal tegengestelde werelden uiteengevallen die op geen enkele wijze nog samen ordentelijk kunnen bestuurd worden.

De Belgische restfractie wordt nog bijeengehouden omdat de Vlamingen hun demografische meerderheid te grabbel gegooid hebben wat door de Franstaligen gretig gebruikt wordt om hun voorrechten, met Vlaanderen als derde betaler, in stand te houden.

Door de zes staatsmisvormingen heen werd de Vlaamse demografische meerderheid tot een politieke minderheid gedegradeerd.

 5 woorden hebben daartoe volstaan:

EEN MEERDERHEID IN ELKE TAALGROEP

 

Voor de staatsmisvorming van 1970 had de regering (CVPSC en BSPSB) van wijlen Gaston EYSKENS geen 2/3 meerderheid om de Grondwet te herzien.

Wijlen staatsminister O. VANAUDENHOVE (PVV/PRL) reikt vanuit de oppositie de hand onder de voorwaarde van een meerderheid in elke taalgroep om de grondwetsherziening van 1970 goed te keuren.

De super grendel was geboren in de grondwet ingeschreven en niet meer te wijzigen zonder de instemming van de Franstaligen.

 Deze stemtechniek wordt ook gebruikt voor de goedkeuring van bijzondere wetten,  om ondermeer de voorrechten van de Franstaligen te verankeren.

Bovenop deze grendel kunnen de Franstaligen nog beroep doen op:

  •  De belangenconflictprocedure,
  • De alarmbelprocedure.

Wijlen staatsminister Wilfried MARTENS, de uitvinder van het unionistisch federalisme – wat de ook moge betekenen, schijft in zijn memoires:   

Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen.

Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstaligen telkens zouden worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.

Dit is het doodvonnis van de democratische besluitvorming, goedgekeurd door “Vlaamse” Christen democraten, socialisten en liberalen op het altaar van de heilloze Belgische compromissen cultuur.

Naast deze vergrendelingen zijn de Vlamingen het slachtoffer van paritaire samenstellingen die de Vlaamse demografische meerderheid bijkomend ondergraaft:

  •  De federale ministerraad;
  • Het Grondwettelijk Hof;
  • De algemene vergadering vaan de Raad van State;
  • Het Hof van Cassatie;
  • De Hoge Raad voor Justitie;
  • De hoogste federale ambtenaren.

Dit betekent dat een Vlaams kind minder waard is dan het kind van een Franstalige ouder.

Doorheen de verschillende staatsmisvormingen werd niet alleen een ondoorzichtige staatsstructuur gecreëerd maar tevens een Bijbelse vermenigvuldiging van politieke mandaten.

Dit land is gezegend met 10 parlementen die samen 795 politieke mandaten vertegenwoordigen of 1 mandaat per 14.026 inwoners.

Zal het nog iemand verbazen dat 59,37 % van deze mandaten door de Franstalige minderheid wordt bezet.

Het parlement van de Europese Unie telt 751 mandaten of 1 mandaat per 684.794 inwoners.

Daar bovenop komen nog 6 regeringen:

  • De federale regering: 14 ministers en 3 staatssecretarissen;
  • De Vlaamse regering; 9 ministers;
  • De regering van het Waals Gewest: 8 ministers;
  • De regering van de Franse Gemeenschap: 7 ministers;
  • De regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: 8 ministers;
  • De regering van de Duitstalige Gemeenschap: 4 ministers;

Die mandaten graaicultuur kost de belastingbetaler miljoenen, heeft nauwelijks enige toegevoegde waarde, is de oorzaak van permanente bevoegheidsconflicten en wordt door de particratie in stand gehouden om hun lakeien toe te laten zich aan deze rijke tafelen te laven.

Deze mandaten graaicultuur worst teruggebracht tot tot 2 bestuursniveaus:

  •  De gewesten en de gemeenschappen;
  • De lokale besturen;

Het Brussels Hoofdstedelijke Gewest wordt best afgeschaft en in Vlaanderen geïntegreerd met een één gemeenteraad, één college en één burgemeester en één politiezone.

Vlaanderen beschikt in het federaal parlement over een ruime meerderheid om deze optie te realiseren; de Vlamingen moeten alleen durven.

De burger/kiezer ondergaat en wordt bovendien door de particratie volledig en volkomen buiten spel gezet; particratie die royaal met belastingen overeind gehouden wordt. Jaarlijks wordt onder de politieke partijen 65 miljoen € verdeeld waarover ze naar goeddunken kunnen beschikken.

Lang voor de verkiezingsdag zijn de verkozen des volks, op een zeldzame uitzondering na, gekend omdat de nuttige volgorde op de lijsten door de partijleiders bepaald wordt.

De partijkoelies worden nuttig gerangschikt, de dwarsliggers krijgen geen kans of worden naar onverkiesbare plaatsen verwezen.

Kamervoorzitter Herman DE CROO in KNACK van 28 februari 1996:

Het parlement mag nietsdoen. De meerderheid is morsdood. De parlementsleden van de meerderheid zijn uitgekocht. Neem al die plaatsvervangers van de ministers, die stemmen nooit tegen de regering. Van zelven niet. Ze slikken alles. Ze bidden alle dagen dat hun minister op post blijft. De cohorte sukkelaars zit er bij de gratie van het voortbestaan van de regering.

 In zijn rubriek “Paleis der Natie” in de Tijd van vrijdag 6 november 2016 noteert Rik VAN CAUWELAERT:

Volgens een wat cynisch gestemd Kamerlid van de meerderheid kan het parlement best worden gesloten na de goedkeuring van het regeerakkoord, dat meestal in niets nog lijkt op de verkiezingsprogramma’s van de coalitiepartijen.

Het gevolg is dat het wantrouwen in de klassieke politieke partijen nooit groter is geweest; dit vertaalde zich tijdens de verkiezingen van 25 mei 2014 toen reeds 20 % van de kiezers afhaakten (12 % daagden niet op en 8 % stemde blanco of ongeldig).

Niets laat voorzien dat deze trend gestopt is. Het hart van de democratie, de verkiezingen, stevent af op een fataal infarct.

Veel Vlamingen voelen zich aan hun lot overgelaten en komen in opstand tegen politieke partijen die reeds decennialang congresbesluiten en programma’s goedkeuren die zelden of nooit worden uitgevoerd.

Vlamingen zien met lede ogen aan dat nieuwkomers aanspraak maken op sociale voordelen, zonder er ooit enige bijdrage  voor betaald te hebben, die hen worden ontzegd.

De resoluties van 3 maart 1999 van het Vlaams Parlement, goedgekeurd door Christen Democraten, Liberalen en Socialisten:

  • Meer coherente bevoegdheidspakketten zijn een belangrijk instrument voor het tot stand brengen van een efficiënt bestuur, samen met een ruime financiële en fiscale autonomie;
  • Het federale staatsmodel dient gebaseerd te zijn op een fundamentele tweeledigheid op basis van twee deelstaten, met daarnaast Brussel met een specifiek statuut en de Duitstalige gemeenschap;
  •  De solidariteit dient behouden te blijven op basis van objectieve, duidelijke en doorzichtige mechanismen en omkeerbaarheid. Dergelijk mechanisme mag niet tot gevolg hebben dat het ontvangende deelgebied per capita meer overhoudt dat het betalende deelgebied.

De zes staatsmisvormingen komen in geen lichtjaren in de buurt van deze resolutie.

Heeft u zich trouwens ooit afgevraagd hoe de Franstaligen zouden reageren indien:

  •  Vlaamse magistraten bevoegd zouden worden in het arrondissement Nijvel;
  • In het arrondissement Nijvel taalfaciliteiten zouden toegekend worden aan de Nederlandstaligen;
  • Het Waalse Gewest ieder jaar 12 miljard € zou moeten overdragen aan Vlaanderen zonder enige resultaatverbintenis;
  • Vlaanderen aanspraak zou maken op Waals territorium;
  • De grendelgrondwet, de belangenconflictprocedures en de alarmbellen zouden afgeschaft worden;
  • De taalwetgeving in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zou toegepast worden zoals wettelijk voorzien;
  • De procureur van het gerechtelijk arrondissement Brussel verplicht tot de Nederlandse taalrol dient te behoren;

Het is niet nodig een helderziende te zijn om te beseffen dat geen enkele Franstalig parlementslid dergelijke wetsvoorstellen zou in overweging willen nemen laat staan goedkeuren.

Vlamingen hebben het omgekeerde wel goedgekeurd.

Ondanks de massale fiscale aanslag slaagt de federale overheid er niet in zijn begroting pn evenwicht af te sluiten, laat staan met een overschot.

Die politiek leidt ertoe dat de kosten naar de volgende generaties doorgeschoven worden die noch part noch deelhebben aan deze politiek, er niet voor verantwoordelijk zijn, maar de factuur zullen betalen.

Het is dan ook niet meer vanzelfsprekend dat onze kinderen en kleinkinderen het nog beter zullen hebben dan deze generatie, in tegendeel.

Bovendien verliest Vlaanderen in uitvoering van de 6de staatsmisvorming en de bijzonder financieringswet 755.000.000 € (beperking tot 87,5 % van de federale dotatie); een inlevering op het altaar van de Belgische solidariteit.

Deze Vlaamse financiële aderlating zou helemaal niet aan de orde zijn indien de “Vlaamse politieke leiders” de politieke moed hadden de 12.000.000.000 € (520.788.000.000 fr.) in vraag te stellen die jaar zonder controle en zonder resultaatverbintenis naar het Waals gewest en de Franse gemeenschap geruisloos worden doorgesluisd.

 Deze financiële aderlating verhindert Vlaanderen ondermeer (niet cumulatief):

  • Ieder jaar 50.000 sociale woningen te bouwen;
  • Ieder jaar alle werkings- en investeringsbehoeften in het Vlaams onderwijs op te vangen;
  • Ieder jaar alle noden van de Vlaamse Zorgsector te leningen;
  • Ieder jaar de volledige Vlaamse wegeninfrastructuur te renoveren;
  • Ieder jaar rusthuizen voor onze senioren te bouwen zonder de dagverblijfskosten te verhogen;
  • Ieder jaar probleemloos de Vlaamse culturele- en sportverenigingen te betoelagen;
  • Ieder jaar zonder problemen de infrastructuur en de werking van de Vlaamse kinderopvang te financieren;
  • Ieder jaar zonder problemen de kinderbijslag en leeftijdsbonus te financieren;
  • Ieder jaar de belastingen substantieel verlagen zonder de dienstverlening af te moeten bouwen;
  • Ieder jaar de koopkracht verhogen van 692.000 Vlamingen die nu onder de armoedegrens leven;
  • Ieder jaar de 11,2 % kinderen die in Vlaanderen in armoede geboren worden kansen te geven;
  • Ieder jaar de 20 % alleenstaande Vlamingen die nu in armoede leven uitzicht geven op beterschap.

Ondanks deze massale financiële transfers neemt de armoede in Wallonië ziender ogend toe en blijft kampen met een permanente structurele werkloosheid

Dit is het gevolg van het toekennen van alle mogelijke sociale voordelen, tewerkstelling bij de overheid en intercommunales, aanstellingen in raden van bestuur van overheidsbedrijven en noem maar op. Dit wordt gebruikelijk als kliëntelisme omschreven alhoewel het hier zonder meer het oneigenlijk gebruik van overheidsmiddelen betreft.

 Professor Bea CANTILLON daaromtrent schrijft in Humo van 13 augustus 1996:

Maak de transfers van Vlaanderen naar Wallonië in de Sociale Zekerheid niet te doorzichtig, want als de mensen weten waar al dat geld naar toe vloeit, zullen ze niet meer willen betalen.

Ondanks het massaal Vlaams financieel infuus:

  • Blijft Wallonië kampen met een armoederisico van om en bij de 18%. Zonder deze transfers in de sociale zekerheid loopt dit tot 33% op;
  • Kunnen 1 op 15 gezinnen hun elektriciteitsrekening niet meer betalen;
  • Is de schuldbegeleiding over de laatste 10 jaar met 85% toegenomen.

Zelfs met Vlaanderen als derde betaler (geen terug te betalen leningen zoals voor Griekenland), blijft het Waals gewest en de Franse gemeenschap wegzinken in een financieel moeras, en is de hoofdreden waarom zij zich aan de Belgische eenheidsstaat vastklampen.

 Deze structuur verlaten betekent hun einde.

De financiële transfers, ingevolge een desastreuse federale begrotingspolitiek, belasten Vlaanderen overmatig zijn het gevolg van:

  • De financiering van de verlieslatende kolen- en staalindustrie naar rato van 1 miljard fr. per maand in de beginjaren 70;
  •  De deficit spending en de politiek van de “le retour du coeur” van de PS in 1987;
  •  De abominabele begrotingspolitiek van de paarse regeringen – éénmalige ingrepen en lasten naar de toekomst verschuiven; sales en laese back, de in beslagname van pensioenreserves van Brussel Airport en Belgacom en de verkoop van overheidspatrimonia

Louis VERBEKE, voorzitter van de VLERICK BUSINESS SCHOOL merkt in DE TIJD van 2 september 2014 terecht op, ik citeer:

Wanneer vertellen we eens heel duidelijk op basis van feiten aan het hele land dat het onverantwoord is voor Vlaanderen om 8 à 10 procent van zijn B.B.P. over te dragen om het prompt verloren te zien uitdelen, zonder hoop op beterschap?

Dit is voor “Vlaanderen Feest” geen leuke boodschap, maar de bittere realiteit. Vlamingen kunnen het eigen lot niet bepalen.

De sacro sante heilloze Belgische compromissencultuur verhindert Vlaanderen het eigen huis naar eigen goeddunken in te richten omdat de Belgische voogd, met collaboratie van “Vlaamse politieke formaties”, het product van de Vlaamse economische welvaart afroomt om bezuiden de taalgrens een politiek systeem in stand te houden dat er niet in slaagt en er nooit zal in slagen zijn administratieve en politieke beslissingen te financieren.

Een staatsverband dat enkel in stand kan worden gehouden door de meerderheid van zijn bevolking te minoriseren en financieel lam te leggen kan niet overleven.

Op het altaar van de federale eenheid worden de Vlamingen steeds verder in de verdrukking gedreven, terwijl hun eisen op minstens een rechtvaardige en gelijke behandeling door de federale beleidsmakers, ook “Vlaamse”, met tegenzin aanhoort worden.

Vlaanderen kan de eigen economie niet op de eigen noden afstemmen omdat het op de limieten van een ondemocratische staatsorganisatie te pletter loopt.

Zonder het lichten van deze communautaire hypotheek is een voor Vlaanderen aangepast economisch beleid onmogelijk.

Sociale bescherming financierbaar houden en economisch groeien, veronderstelt de deelstaten deze hefbomen in handen te geven die dit kunnen realiseren.

De door de Francofonie aangevoerde krachten zijn echter volop bezig met het economisch weefsel van Vlaanderen te vernietigen en zullen pas ophouden als de Vlaamse welvaart tot het niveau van de Waalse gedegradeerd is.

Deze tegengestelde maatschappijvisies, worden probleemloos afgedicht, hierin door de regimepers voluit gesteund, tot meerdere glorie van de particratie.

Dit staatsverband kan enkel overleven omdat de Vlamingen nog onvoldoende beseffen en nog niet voldoende aan den lijve ondervinden dat de financiering van hun welvaart en hun welzijn op korte termijn bedreigd wordt door een verkeerd begrepen solidariteit die gericht is op het in stand houden van een politieke cultuur en dito formaties om zichzelf overeind te houden.

Het is een bittere vaststelling dat in dit federale België een rechtmatige en redelijke politieke doelstelling niet meer langs democratische weg kan gerealiseerd worden.

Deze financiële aderlating echter kan via de federale begrotingen afgeremd worden omdat de blokkeringsmechanismen niet van toepassing zijn en als de Christen Democraten, de Liberalen en Sociaal Democraten durven kiezen voor Vlaanderen en voor diegenen die ze verkozen hebben en aan wie ze verantwoording verschuldigd zijn.

Wij moeten ons dan ook de vraag durven stellen of het federale bestuursniveau voor Vlaanderen nog enige toegevoegde waarde heeft.

Het jarenlang aangehouden federaal politiek consensusmodel heeft de federale staat opgezadeld met een gigantische staatsschuld, (430.779.300.000 € per 2017 07 11) die onze kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen zullen moeten aflossen en waarvoor zijn geen enkele verantwoordelijkheid dragen.

Dit politiek systeem bestaat er in de conflicten te beheersen ten koste en ten laste van de meerderheid van dit land.

Het wordt evenwel steeds duidelijker dat de consensuspolitiek niet meer bij machte is crisissen te beheersen en uiteindelijke er onder zal bezwijken.

De Frankfurter Allgemeine verwoordt het treffend, ik citeer:

Hat ein Staat, dessen französichsprachiger Teil sich von der Niederländisch sprechenden Bevölkerung gigantisch alimentieren lässt, aber deren Kultur und Historie ostentativ ignoriert, nicht seine Existenz verspielt ? ”

Het is en blijft een bittere vaststelling dat voor de Vlaamse federale ministers en de Vlaamse federale parlementsleden de opportuniteit van een mandaat nog altijd zwaarder weegt dan het opkomen voor de Vlaamse belangen     

De “VLAAMSE” politieke partijen die deze democratische en financiële amputatie goedgekeurd hebben of aan de uitvoering ervan medewerken zwijgen en ondergaan.

Zij zijn de gevangenen in het SERAIL, zij hebben geen sleutel en ontsnappen is onmogelijk, tenzij zij de Franse bewakers met nieuwe en bijkomende voorrechten omkopen die Vlaanderen verder in de verdrukking storten.

 Hoe het staatsverband ook mag genoemd worden is van ondergeschikt belang.

Belangrijk is dat Vlaanderen autonoom beschikt over de opbrengsten van zijn economische activiteiten, de verdeling ervan binnen Vlaanderen organiseert en de omvang van een doorzichtige en resultaat gebonden solidariteit bepaalt.

 Dan pas zal er in Vlaanderen op 11 juli kunnen gefeest worden.

 

 Blijf gaan voor en blijf geloven

voor Geus en voor Klauwaart

in een VRIJ VLAANDEREN.

 

Willy DE WAELE

Voorzitter

van het Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen

 

 



DEMOCRATIE ?
maandag 5 juni 2017, 17:20
Filed under: Uncategorized

Veel Vlamingen voelen zich aan hun lot overgelaten en komen in opstand tegen politieke partijen die reeds decennialang congresbesluiten en programma’s goedkeuren en zelden of nooit uitvoerden. Belangrijke dossiers worden over de verkiezingen heen getild uit schrik voor de reactie van de burger/kiezer.

De Vlamingen ziet met lede ogen aan dat nieuwkomers aanspraak maken op sociale en andere voordelen, zonder ooit enige bijdrage er voor betaald te hebben, die hen worden ontzegd.

Als we ongelimiteerd tolerant blijven, zelfs jegens hen die zelf intolerant zijn; als we niet bereid zijn een tolerante samenleving te verdedigen tegen de aanvallen van de intolerantie zal de tolerante mens te gronde gaan, en met hem de tolerantie.

Deze geruisloze evolutie vertaalt zich doorheen de peilingen die de klassieke politieke driedeling van het politiek landschap en de links/rechts tegenstelling volkomen opheffen. Het is dan ook een illusie te geloven dat de klassieke partijen, met links/rechts compromissen het samenlevingsmodel nog zullen kunnen bepalen en sturen; dit is voorbij.

De burger/kiezer is niet langer alleen afhankelijk van de klassieke media maar laat zijn/haar ongenoegen vrije loop via de sociale media met als gevolg dat de verkozen mandatarissen het moeten doen met simpele “one liners” die geen oplossingen aanbrengen.

Het diepe wantrouwen van de kiezer tegenover “de politiek” wordt recent nog gevoelig aangescherpt door de zelfbediening van uitvoerende mandatarissen.

Dit staat in scherpe tegenstelling tot de inleveringen die de burger/kiezer te verwerken krijgt en een overheid die ondanks de massale fiscale aanslag er niet in slaagt de begrotingen in evenwicht neer te leggen en hiermede schaamteloos een essentieel deel van de regeerverklaring door de versnipperaar jaagt.

Ondanks deze torenhoge fiscale aanslag (meer de dan de helft van onze verdiensten) slaagt de federale overheid er niet in de gewone uitgaven met de gewone inkomsten te financieren en kan er nauwelijks geïnvesteerd worden. Deze politiek resulteert een schuld van 429.243.120.574 € (per 5 mei 2017); 39.786 € per inwoner of 79.572 € per werkzame inwoner.

De kosten worden geruisloos naar de komende generaties doorgeschoven, die er niet voor verantwoordelijk zijn, maar de factuur zullen betalen. Het is dan ook niet meer vanzelfsprekend dat onze kinderen en kleinkinderen het nog beter zullen hebben dan deze generatie, in tegendeel.

In een poging om dit probleem op te vangen komt de financiering van de verzorgingsstaat onder druk en worden diensten afgebouwd of duurder. Reserves voor de opvang van de kosten (pensioenen, opvang en zorgen) voor de toenemende veroudering zijn er niet of nauwelijks.

De korte termijn politiek, die niet verder reikt dat de volgende verkiezingen, verhindert diepgaande hervormingen om toch maar de kiezer/burger niet voor het hoofd te stoten en electoraal proberen te overleven. De gevolgen van deze politieke onmacht worden steeds duidelijker en is een uitgelezen voedingsbodem voor de antipolitiek. De voorbije verkiezingen in de Verenigde Staten van Amerika hebben dit reeds aangetoond; in Nederland en Frankrijk werden de klassieke partijen de mist ingestuurd.

De verschrikkelijke aanslagen in Zaventem en Maalbeek hebben het reeds aanwezige onveiligheidsgevoel nog versterkt met een toenemende afkeer voor de Islam. De uitslag van de Brexit volksraadraadpleging werd niet bepaald door financieel-economische overwegingen maar in hoofdzaak door de anti immigratie angst, aangevoerd door de populisten van UKIP.

De zwakke economische groei vertaalt zich in onzekere arbeid en dito arbeidsomstandigheden.

Het gevold is dat het wantrouwen in de klassieke politieke partijen nooit groter is geweest; dit vertaalde zich reeds tijdens de verkiezingen van 25 mei 2014 toen reeds 20 % van de kiezers afhaakten (12 % daagde niet op en 8 % stemde blanco of ongeldig).

Niets laat voorzien dat deze trend gestopt is.

You can fool some of the people all of the time,

and all of the people some of the time

but not all the people all the time.”

Abraham LINCOLN

De vrijheid en gelijkheid van de liberale rechtstaat zijn wij als vanzelfsprekend gaan beschouwen maar men vergeet hoeveel moeite het heeft gekost om deze te veroveren en te handhaven.

Democratie is een staatsvorm waarbij de bevolking soeverein is en niet toelaat dat aan de meerderheid van de bevolking ongewenste maatregelen of wetten kunnen worden opgelegd.

Vrij en gelijk in rechten en plichten betekent kan niemand aanspraak kan maken op voorrechten en vrij en met gelijke voorwaarden kan deelnemen aan en bijdragen in de besluitvorming.

Het meerderheidsbeginsel houdt in dat de meerderheid beslist en dat de genomen beslissingen ook bindend zijn voor de minderheid.

Een democratische besluitvorming door de meerderheid laat ruimte aan minderheden, zonder dat deze de inzichten en overtuigingen van de meerderheid kunnen tegenhouden.

Een minderheid mag nooit haar wil opdringen aan de meerderheid en zo het democratisch besluitvormingsproces verhinderen en/of  onmogelijk maken.

De Belgische staatsstructuur beantwoord, noch benadert aan geen lichtjaren aan deze criteria.

In uitvoering van de staatshervorming van 1970 werd in artikel 4 van de grondwet de volgende alinea opgenomen:

De grenzen van de taalgebieden kunnen niet worden gewijzigd of gecorrigeerd dan bij een wet, aangenomen met een meerderheid van de stemmen in elke taalgroep van de Kamer, op voorwaarde dat de meerderheid van de leden van elke taalgroep aanwezig is en voor zover het totaal van de ja stemmen in beide taalgroepen twee derden van de uitgebrachte stemmen bereikt.

De toenmalige meerderheid, CVP/PSC en SP/PS beschikten niet over een tweederden meerderheid om dit grondwetsartikel aan te passen. De PVV-PLP onder de leiding van wijlen staatsminister O. VAN AUDENHOVE was akkoord steun te verlenen aan dit voorstel onder de uitdrukkelijk voorwaarde bij de uitvoering ervan de bijzondere wetten eveneens met een tweederden meerderheid en een meerderheid in elke taalgroep zouden worden goedgekeurd.

Deze grendelgrondwet, die zonder de medewerking van de liberalen nooit tot stand had kunnen komen, is uitgegroeid tot een platform om de financiële, politieke, juridische en administratieve voorrechten van en voor de Franstaligen te onwederroepelijk in de grondwet en met bijzondere wetten vast te leggen die zonder hun instemming en het betalen van een prijs niet meer kunnen gewijzigd worden.

Uit de memoires (2006) van wijlen W. MARTENS:

Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen.

Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstaligen telkens zouden worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.

De perfiditeit ten top van één van de vaders van de diverse grondwetsherzieningen en staatsmisvormingen en uitvinder van het unionistische federalisme wat dat ook moge betekenen.

Federaal blijft de Vlaamse volksvertegenwoordiging een politieke minderheid die de besluitvorming niet kan sturen om tegemoet te komen aan Vlaamse noden zonder instemming van de Franstaligen en het bepalen van een prijs.

Alles wat de Franstaligen raakt wordt genadeloos en onverbiddelijk afgeblokt:

  •  het personaliteitsbeginsel,
  •  doorzichtige financiële stromen (transfers),
  •  Franstalige rechtspleging in Vlaanderen,
  •  het afschaffen van alle bijzonder stemprocedures,
  • de verantwoordelijkheid voor de eigen ontvangsten en uitgaven voor de gewesten (fiscale autonomie),
  •  de toepassing van de taalwetgeving in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,

Een paar voorbeelden uit het verleden tonen duidelijk aan dat de Franstaligen er niet voor terugschrikken chantage en hun vetorechten te gebruiken.

In 1992, toen de Vlaamse federale ministers niet instemden met de wapenexport van de Herstalse wapensmidse dreigde Ph. MOUREAUX met een institutionele atoombom indien de Vlamingen hun verzet niet zouden intrekken. Wat te voorzien was gebeurde de Vlamingen gingen door de knieën en de wapenexport werd gefederaliseerd (zonder grondwetsherziening).

Ooit van de Vlamingen iets dergelijks gehoord als het over voor Vlaanderen levensnoodzakelijke economische en financiële beleidsdossiers ging.

Kunt u zich een ogenblik voorstellen dat de Vlamingen dezelfde tactiek gebruiken om de taalwetgeving in Brussel toegepast te zien of om de financiële transfers naar het Waalse gewest en de Franse gemeenschap doorzichtig te maken. De woorden separatist, nationalist en egoïstische Vlamingen zouden om de oren vliegen.

Een tweede voorbeeld is het inroepen van het belangenconflict met betrekking tot de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde. Gedurende twee en een half jaar hebben de Franstaligen een democratisch genomen beslissing van de Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken geblokkeerd door het inroepen van het belangenconflict.

Ook in dit dossier zijn de traditionele “Vlaamse” partijen door de knieën gegaan en hebben tegen alle beloften en handtekeningen in vergaande compensaties voor de Franstaligen in Vlaanderen goedgekeurd

Is het niet merkwaardig dat de Franstalige politieke klasse er zelfs niet voor terugdeinst de monarchie voor haar kar te spannen om vooral hun financiële, politieke en administratieve voorrechten te beschermen en om toch maar niet volledig verantwoordelijkheid gesteld te worden voor hun eigen ontvangsten en uitgaven (fiscale autonomie).

De schuldige huist immers over de taalgrens.

Alain MOUTON schrijft in TRENDS van 4 november 2015:

Zonder Vlaamse solidariteit heeft Wallonië een primair tekort (ontvangsten min uitgaven zonder rentelasten) van 7,9 miljard euro of 8,8 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

Vlaanderen zou in dat geval kunnen rekenen op een begrotingsoverschot van 7,4 miljard of 3,45 procent van het bbp. 

Bij een splitsing van de intresten op de schuld zou het Waalse tekort oplopen 12,7 procent van bbp. Dan dreigt voor de Waalse economie een Grieks scenario.

Door de diverse staatshervormingen heen, alhoewel misvormingen de aangewezen term is, werden deze fundamenten van een democratische staatsordening onderuitgehaald om een Belgisch staatsverband in stand te houden tegen de belangen van Vlaanderen.

De Vlaamse demografische meerderheid is gedegradeerd tot politieke minderheid

Met een zelden geziene perfiditeit werden Vrijheid en Gelijkheid doorheen de elkaar opvolgende grondwetsherzieningen en met bijzondere wetten prijsgegeven en werd een administratieve chaos gecreëerd met een Bijbelse vermenigvuldiging van structuren en politieke mandaten zonder acht te slaan op de bestuurlijke en financiële gevolgen.

De Vlaamse demografische meerderheid wordt bovendien bijkomend vergrendeld met:

  • De paritaire samenstelling van de federale ministerraad; 

  • De paritaire samenstelling van het Grondwettelijk Hof; 

  • De paritaire samenstelling van de algemene vergadering van de Raad van State; 

  • De paritaire samenstelling van het Hof van Cassatie; 

  • De paritaire samenstelling van Hoge Raad voor Justitie; 

  • De pariteit voor de hoogste federale ambtenaren; 


Deze vergrendeling van de Vlaamse demografische meerderheid is enkel mogelijk geworden met de collaboratie van “Vlaamse” partijen.

Willy DE WAELE

Ere burgemeester



CONFLICT VLAANDEREN BRUSSEL
vrijdag 24 februari 2017, 14:49
Filed under: STAATSHERVORMING

OPEN BRIEF AAN DE VOORZITTERS VAN DE CD&V, OPEN VLD en SPa

Met de 3de staatshervorming van 1988/1989 werd het Brussels Hoofdstedelijk Gewest opgericht en met de bijzondere wet van 12 januari 1989 kregen de Brusselse instellingen dezelfde bevoegdheden en dezelfde graad van autonomie als de gewesten Vlaanderen en Wallonië. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest oefent zijn bevoegdheden uit door middel van ordonnanties; deze ordonnanties hebben dezelfde rechtskracht als federale wetten en gewestelijke decreten en zijn er niet aan ondergeschikt.

In uitvoering van de 4de staatshervorming werd het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevoegd voor economie, werkgelegenheid, landbouw, waterbeleid, huisvesting, openbare werken, energie, vervoer (met uitzondering van de NMBS), leefmilieu, ruimtelijke ordening en stedenbouw, natuurbehoud, krediet, buitenlandse handel, toezicht over de provincies, de gemeenten en de intercommunales.

Deze regelgevingen werden goedgekeurd met een bijzondere meerderheid zoals voorzien door artikel 4 van de Grondwet:

België omvat vier taalgebieden : het Nederlandse taalgebied, het Franse taalgebied, het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad en het Duitse taalgebied.

 Elke gemeente van het Rijk maakt deel uit van een van deze taalgebieden.

 De grenzen van de vier taalgebieden kunnen niet worden gewijzigd of gecorrigeerd dan bij een wet, aangenomen met de meerderheid van de stemmen in elke taalgroep van elke Kamer, op voorwaarde dat de meerderheid van de leden van elke taalgroep aanwezig is en voor zover het totaal van de ja-stemmen in beide taalgroepen twee derden van de uitgebrachte stemmen bereikt.

UW POLITIEKE FORMATIE HEEFT DEZE REGELGEVING GOEDGEKEURD, DIE DE VLAAMSE DEMOGRAFISCHE MEERDERHEID TOT EEN POLITIEKE MINDERHEID DEGRADEERT EN DEZE KAN NIET MEER GEWIJZIGD WORDEN ZONDER DE TOESTEMMING VAN DE FRANSTALIGEN .

Niemand minder dat wijlen W. MARTENS, één de vaders van de staathervormingen, heeft het in zijn memoires als volgt verwoord:

 Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen.

Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstaligen telkens zullen worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft op 17 juli 1997 een raam-ordonnantie aangenomen betreffende de strijd tegen geluidshinder in een stedelijke omgeving (B.S. van 23 oktober 1997). Deze tekst vertrouwt de opdracht, tot opstelling van een gewestelijk plan voor de bestrijding van de geluidshinder, toe aan Leefmilieu Brussel (BIM)

In uitvoering van deze raam-ordonnantie heeft het Brussels Hoofdstedelijk Gewest het besluit van 27 mei 1999 genomen betreffende de strijd tegen het lawaai van vliegtuigen dat de normen vastlegt voor het maximaal toelaatbare geluidsniveau waaraan de overvlogen bevolking mag worden blootgesteld (grenswaarden voor de toelaatbare geluidshinder telkens als een vliegtuig overvliegt en voor het algemene lawaai dat wordt veroorzaakt door het luchtverkeer over een welbepaalde periode), en voorziet een tijdsschema voor de invoering van strengere normen.

Dit besluit betreft 3 interventiezones waar de grenswaarden (SEL per passage en LAeq per periode, die specifieke hinderindexen vormen voor het vliegtuiglawaai) niet mogen worden overschreden van 7 tot 23 uur en van 23 tot 7 uur.

Het zal u gekend zijn dat deze regelgeving de tewerkstelling in Vlaanderens 2de economische groeipool hypothekeert en op termijn de teloorgang ervan betekent.

Dat is één van de vele perfide gevolgen van een ondoorzichtige en heilloze compromiscultuur met het oog op de in stand houding van een disparaat federaal staatsverband.

Aangezien het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zo moge blijken uit de media en het overleg, het besluit van 27 mei 1999 niet wil aanpassen en er wettelijk geen mogelijkheden bestaan om deze ordonnantie ongedaan te maken stellen wij voor dit gewest via de federale begroting droog te leggen.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest schendt hiermede artikel 143 § 1 van de Grondwet:

Met het oog op het vermijden van belangenconflicten nemen de federale staat , de gemeenschappen en de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, in de uitoefening van hun respectieve bevoegdheden, de federale loyauteit in acht.

De verschillende overheden, zo werd tijdens de parlementaire voorbereiding opgetekend, zijn er toe gehouden bij de uitoefening van hun bevoegdheden het evenwicht van de totaalconstructie niet in gevaar brengen en de belangen van de andere geledingen van staat niet schaden (parlementaire stukken Senaat, Binnenlandse Zaken 1991/1992, 100-27/7.3)

IK VRAAG NADRUKKELIJK, OM DE WELVAART EN HET WELZIJN IN VLAANDEREN IN HET ALGEMEEN EN IN EN RONDOM DE LUCHTHAVEN IN HET BIJZONDER TE WAARBORGEN, TER GELEGENHEID VAN DE KOMENDE FEDERALE BUDGETCONTROLE BIJ WIJZE VAN BEWARENDE MAATREGEL ALLE KREDIETEN TEN VOORDELE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST TE SCHRAPPEN.

 Het behoort immers tot de soevereine bevoegdheid van de Kamer financiële controle uit te oefenen door middel van de jaarlijkse goedkeuring van de staatsbegrotingen en –rekeningen (artikel 74, 3° en 174 van de Grondwet)

Gezien de rijksmiddelenbegroting met een gewone meerderheid goedgekeurd wordt kunnen de Franstaligen geen beroep doen op de stemprocedure voorzien door artikel 4 van de Grondwet. Ik ben er van overtuigd dat u dit wettelijk middel zult gebruiken om de belangen van Vlaanderen te verdedigen en de tewerkstelling in en rond de luchthaven te beschermen en de verdere economische groei mogelijk te maken.

Met 60.000 directe en indirecte werknemers is de luchthaven van Zaventem de op één na grootste economische groeipool van ons land, enkel de haven van Antwerpen doet beter; op de luchthaven zelf zijn er 260 bedrijven actief. Teneinde de toenemende vraag naar arbeidskrachten te kunnen opvangen werken de luchthavenautoriteiten nauw samen met de tewerkstellingsdiensten van de gemeenschappen, vooral met deze van het Brussels Gewest dat aankijkt tegen massale werkloosheid.

Volgens de laatst gekende gegevens zijn 14,1 % Brusselaars in de luchthavenregio tewerkgesteld (antwoord van Vlaams minister F. MUYTERS op een parlementaire vraag van 15 juni 2016). Het zou dan ook de eerste bekommernis moeten zijn van de Brusselse beleidsvoerders om gebruik te maken van de groeimogelijkheden van de luchthaven om de tewerkstelling van de eigen inwoners te ondersteunen.

De arrogante Brusselse beleidsvoerders, die hun politieke en administratieve beslissingen enkel kunnen uitvoeren dank zij de gulle Vlaamse financiële transfers, zijn er echter enkel op uit Vlaanderen onherstelbare economische schade te berokkenen. Het boemerangeffect ontgaat hun duidelijk.

Deze brief zal ondermeer ter informatie overgemaakt worden aan de vertegenwoordigers van het personeel van de luchthaven.

Ik kijkt met belangstelling uit naar uw standpunt.

Met bijzondere hoogachting,

Willy DE WAELE

Ere burgemeester

 



Een kaakslag voor duizenden Vlaamse humaniora studenten
donderdag 22 september 2016, 15:10
Filed under: VLAANDEREN

De federale overheid besliste in 1995 om de budgetten inzake de ziekteverzekering beter in evenwicht te houden door de instroom van de artsen en tandartsen de contingenteren. Aan de Vlaamse Gemeenschap werd 60 % van het contingent toegekend; aan de Franse Gemeenschap 40 %.

De gemeenschappen die, ingevolge de diverse staatshervormingen verantwoordelijk zijn voor de organisatie van hun onderwijs, zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van deze federale beslissing mede door de Franstaligen genomen en goedgekeurd.

De Vlaamse Gemeenschap voerde deze overeenkomst keurig uit en beperkte de instroom van artsen en tandartsen door het organiseren van toelatingsproeven; enkel de studenten die slaagden binnen het toegelaten quorum kregen toelating tot de opleiding van arts en tandarts.

De Franse Gemeenschap heeft, door gebrek aan politieke moed, geen beperkingen ingesteld om de opleiding van arts en tandarts aan te vangen met het gevolg dat het hun toegekende quotum ruim overschreden werd.

Gezien de Franse Gemeenschap het overeengekomen contingent reeds opgebruikt heeft kunnen de Franstalige artsen en tandartsen die in 2018 af studeren geen aanspraak maken op een RIZIV erkenningsnummer dat hen toelaat hun beroep uit te oefenen binnen de regelgeving van de ziekte- en invalidatiteitsverzekering.

In een advies van 26 april 2016 stelde de Planningscommissie met nepargumenten voor de 60 N/40 F verhouding te wijzigen in 56,5 N/43,5 F.

Ondanks de vaststelling dat de Vlaamse Gemeenschap de beslissing van 1995 nauwkeurig uitvoerde door het organiseren van ingangsexamen – de Franse Gemeenschap heeft de studenten instroom nooit beperkt – wordt Vlaanderen de rekening gepresenteerd.

Bovendien was reeds in 2014 de artsendensiteit in de Franse Gemeenschap 29 % hoger dan in de Vlaamse Gemeenschap. Dat kan afgeleid worden uit de studie van dr. Marc MOENS, secretaris-generaal van het VBS, gepubliceerd op 7 februari 2015.

Dit voorstel van de Planningscommissie is onrechtvaardig en onaanvaardbaar.

Het is een kaakslag voor de duizenden Vlaamse studenten die gedwongen werden om af te zien van hun wens om de artsenstudie aan te vangen.

Ik meen dan ook dat best tegemoet gekomen wordt aan de bekommernissen van de Franse Gemeenschap door de normering, de uitvoering en de budgetten inzake gezondheidszorg aan de gemeenschappen over te dragen zodat deze zelf voor de door hen genomen beslissingen ook financieel verantwoordelijk worden.

Dit voorstel houdt trouwens ook de uitvoering in van de resoluties van het Vlaams parlement van 3 maart 1999 die door de Vlaamse partijen goedgekeurd werden.

 

Willy DE WAELE

Ere burgemeester



HERFEDERALISEREN
maandag 8 augustus 2016, 20:41
Filed under: STAATSHERVORMING, Uncategorized

MAANDAG 8 AUGUSTUS 2016

OPEN BRIEF Aan de heren

Alexander DE CROO, minister en Tim VAN DE PUT, burgemeester

__________________________________________

 

Via de media (o.a. Het Nieuwsblad van 16 juli 2016) heeft u de wereld kennis kunnen nemen van uw verzuchtingen in verband met de politieke organisatie van het land; ik citeer:

• Past u voor een discussie over het confederalisme in 2019; uw antwoord: Absoluut.

Het is op zijn minst verwonderlijk en zeer ongepast om als verkozen OVLD mandataris en gezagsdrager een mening te verkondigen die lijnrecht ingaat tegen de ideologie van de partij (artikel 1 van de statuten).

Als u aanvaardt lid te zijn van een vereniging, in casu de OVLD, dan dient u zich te schikken naar de regels die er bij horen (artikel 3 van de statuten). Het zal u bekend zijn wat de gevolgen zijn van het niet naleven van de regels van een vereniging.

Het zal u dan ook waarschijnlijk ontgaan zijn dat de stellinmane – passen voor een confederalislme in 2019 – haaks staat op artikelen 1 en 3 van de statuten goedgekeurd door het statutair congres van 7 juni 2008 en gewijzigd door het statutair congres van 19 maart 2011.

Voor zover u deze uit het oog zou hebben verloren, hiernavolgend de teksten.

 

Artikel 1

&3 Open Vld stelt zich tot doel met alle democratische middelen en zonder enige vorm van discriminatie de Vlaamse, liberale en democratische beginselen en doelstellingen, zoals verwoord in de Beginselverklaring, te verwezenlijken.

§4. Haar ideologische lijn wordt beschreven in de Beginselverklaring van Open Vld.

Artikel 3

§1. Is lid van Open Vld, de natuurlijke persoon die ten minste 16 jaar oud is, zich akkoord verklaart met de Beginselverklaring en door betaling van de lidmaatschapsbijdrage titularis is van de partijlidkaart.

De Beginselverklaring van 1992, door het stichtingscongres goedgekeurd op 15 november 1992, is nochtans zeer duidelijkheid, ik citeer:

(…)
De staatshervorming werkt niet naar behoren. De complexe instellingen die wij sinds 1970 hebben opgebouwd, moeten worden herdacht en vereenvoudigd. Daarom moeten onze gemeenschappen in ons land aan de tafel gaan zitten, nagaan wat ze met elkaar nog willen doen op basis van het susidiariteitsbeginsel een echte doorzichtige federale staat opbouwen met een maximale autonomie voor het bestuursniveau dat het dichts bij de burger staat, namelijk de steden en gemeenten.

Een authentieke federale staat waarin elk van de bestuursniveau’s rechtstreeks onder de controle van de burger staat, zijn eigen inkomsten int en verantwoordelijk is voor de eigen uitgaven, waarin ieder van de deelgebieden een goed afgebakend grondgebied beheert en tussen de deelgebieden een correcte, doorzichtige en omkeerbare solidariteit bestaat.

Met de Novemberverklaring goedgekeurd door het congres van 16 november en 7 december 2002 heeft werd de Beginselverklaring verder uitgewerkt, ik citeer:

(…) De VLD wil een beter statuut voor Vlaanderen door de definitieve keuze voor een confederaal model. Het zwaartepunt komt bij de deelstaten te liggen die bepalen welke bevoegdheden ze aan het federale niveau laten. Het aantal bestuursniveaus moet verminderen, Vlaanderen moet minstens bevoegd worden voor de gezondheidszorgen, de kinderbijslagen, het tewerkstellingsbeleid en de mobiliteit. Taalfaciliteiten moeten uitdoven. Elk bestuursniveau krijgt volledige autonomie. Wat op een lager bestuursniveau kan, hoeft niet hogerop te worden beslist. Solidariteit kan er nooit toe leiden dat de betalende partij op het eind minder middelen krijgt dan de ontvangende partij. Daartoe is het noodzakelijk dat de solidariteit transparant is.

Tenslotte werd met de Fundamenten voor Verandering de inhoud van een moderne federale staatsstructuur vastgelgd, Goedgekeurd met de resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent

(…) Wij kiezen voor een moderne federale staatsstructuur met homogene bevoegdheidspakketten op alle niveaus, waarbij de bevoegdheden van de federale overheid worden opgesomd en alle andere taken bij de deelgebieden worden gelegd, en dit binnen een ééngemaakt Europa. Naast de huidige bevoegdheden worden de deelgebieden bevoegd voor de personen en vennootschapsbelasting en krijgen ze alle bevoegdheden op het economisch vlak en op het vlak van de mobiliteit. In het kader van het gezins- en gezondheidsbeleid worden de gezinsbijslagen en gezondheidszorgen in ieder geval overgeheveld naar de Gemeenschappen.

Zij heffen zelf de bijdragen om deze kostencompenserende sociale uitgaven te financieren.

De volledige overheveling van het gezins- en gezondheidsbeleid naar de gemeenschappen moet in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gepaard gaan met een stipte naleving van de door de grondwet gewaarborgde tweetaligheid door alle overheidsinstellingen en met het invoeren van een correct tweetalig onthaal en een behoorlijke tweetalige dienstverlening in alle betoelaagde instellingen.

 

Voor zover ik kan nagaan zijn deze congresbesluiten en de resoluties nog steeds van kracht en niet vervangen, noch geannuleerd door een congres.

Ondanks de vaststelling dat de liberalen sinds 12 juli 1999 onafgebroken deel uit maken van de federale regeringen is er nog geen begin van uitvoering gegeven aan de Beginselverklaring, noch aan de Fundamenten voor Verandering noch aan de Novemberverklaring.

In tegendeel, door de diverse staats(mis)hervormingen heen, met medewerking van de VLD, werd de Vlaamse demografische meerderheid gedegradeerd tot een politieke minderheid, en tegen alle principes in werd de grondwet misbruikt om de Franstaligen te bedienen met electorale, bestuurlijke, juridische en financiële voorrechten, die zonder hun toestemming niet meer kunnen worden teruggeschroefd.

De Beginselverklaring van 15 november 1992 had nochtans de vinger op de wonde gelegd, ik citeer:

(,,,) Te vaak werden verkiezingsbeloften verbroken waardoor burgers hun vertrouwen in de traditionele partijen hebben verloren. Daarin wortelt de diepe malaise, waardoor vele burgers zich afkeren van onze democratie, ontgoochelt als ze zijn over de politieke partijen die niet bij machte blijken het roer om te gooien.

Volgens artikel 28 van de statuten, zie hieronder, is de Statutaire Commissie bevoegd op te treden wanneer gehandeld wordt op een wijze strijdig met de Beginselverklaring.

Uw stellingname heren is overduidelijk strijdig met de Beginselverklaring die in de statuten opgenomen is en de uitwerking door de Novemberverklaring en de Fundamenten voor Verandering.

Artikel 28

De Statutaire Commissie waakt over de correcte toepassing van de statuten. De Commissie is bevoegd voor het in eerste aanleg onderzoeken en beslechten van klachten en geschillen waarbij één of meerdere belanghebbende leden of partijorganen betrokken zijn. De Commissie treedt op wanneer de statuten en het reglement niet worden nageleefd, wanneer gehandeld wordt op een wijze strijdig met de Beginselverklaring of wanneer ernstige schade wordt berokkend aan de partij.

 

Gezien artikel 30 de rechtsopvolging regelt, zie onderstaand, zijn de Beginselverklaring, de Novemberverklaring en de Fundamenten voor Verandering van toepassing voor alle leden van Open V L D.

Artikel 30

§1. De partij Open Vlaamse Liberalen en Democraten, afgekort Open VLD, is de rechtsopvolger van de VLD – Vlaamse Liberalen en Democraten – Partij van de Burger.

Met de resoluties van 3 maart 1999 van het Vlaams Parlement, goedgekeurd door Christen Democraten, Liberalen en Socialisten zijn jullie duidelijk vertrouwd:

! meer coherente bevoegdheidspakketten zijn een belangrijk instrument voor het tot stand brengen van een efficiënt bestuur, samen met een ruime financiële en fiscale autonomie;

!Het federale staatsmodel dient gebaseerd te zijn op een fundamentele tweeledigheid op basis van twee deelstaten, met daarnaast Brussel met een specifiek statuut en de Duitstalige gemeenschap;

! De solidariteit dient behouden te blijven op basis van objectieve, duidelijke en doorzichtige mechanismen en omkeerbaarheid. Dergelijk mechanisme mag niet tot gevolg hebben dat het ontvangende deelgebied per capita meer overhoudt dat het betalende deelgebied.

! De bevoegdheden van de deelstaten om de eigen instellingen te regelen dient uitgebreid te worden. De deelstaten moeten een eigen grondwettelijke autonomie verwerven, met eerbiediging van het federaal kader.

Niet alleen heeft u, met uw verklaring de statuten geschonden, maar met uw voorstel om een aantal bevoegdheden te her federaliseren biedt u de Franstaligen de mogelijkheid om misbruik te maken van blokkeringsmachismen (bijzondere stemtechnieken) om iedere redelijke Vlaamse politieke voorstel die hen niet zint af te blokken.

De Franstaligen schikken er niet voor terug deze blokkeringsmechanismen te gebruiken. U zal zich desbetreffend zeker de stemming in de Kamercommissie van Binnenlandse Zaken van 15 november 2007 houdende splitsing van de kieskring B-H-V herinneren. Meerderheid tegen minderheid werd de splitsing goedgekeurd. Dit democratisch genomen besluit is nooit wet geworden omdat de Franstalige minderheid dit gedurende 2,5 jaar tegengehouden heeft door het inroepen van de belangenconflictprocedure.

Uw voorstel tot herfederalisering opent eveneens de deur voor het consumptiefederalisme dat mede verantwoordelijk is de opbouw van de staatsschuld.

Uit onverdachte bron; ik citeer:

Op 6 november 2002 verklaarde Karel De Gucht, toen voorzitter van de Vlaamse liberalen: “België is ter dood veroordeeld. Het zal verdampen en intussen brengt het geen meerwaarde meer aan Vlaanderen. Het is onaanvaardbaar dat Vlaanderen meer betaalt voor gezondheidszorg en minder terugkrijgt van Wallonië.”

Graag herinner ik u er aan dat geloofwaardigheid opbouwen vooral een werk van lange adem is, met consequent handelen en een rechtlijnige besluitvorming; één ogenblik echter volstaat om deze te verliezen.

“You can fool some of the people all of the time,

and all of the people some of the time

but not all the people all the time.”

Abraham LINCOLN

Tot een congres de Beginselverklaren, de Novemberverklaring en de Fundamenten voor verandering niet veranderden dient u er zich aan te houden en is de enige aanvaardbare oplossing het toekennen van homogene bevoegdheden aan de deelstaten, met inbegrip van de financiële verantwoordelijkheid. De deelstaten moeten zelf de bevoegdheid en de verantwoordelijkheid krijgen voor de inning van de gelden de ze uitgeven en moeten daarover verantwoording geven aan hun kiezers.

 

Deze autonomie zal het meteen mogelijk maken in Vlaanderen een financierbaar sociaal beleid te voeren dat niet gehypothekeerd wordt door afromen van de resultaten van de baten van haar economische activiteiten.

Een aandachtige lectuur van de congresbesluiten zal u duidelijk maken waarom de V L D in een anderhalf decennium de helft van haar kiezers verloren heeft.

Met vriendelijke groeten van een vastberaden Vlaams Liberaal.

Willy DE WAELE

Ere Burgemeester



BOVEN ZIJN STAND LEVEN ?
donderdag 21 april 2016, 15:56
Filed under: STAATSHERVORMING

OPEN BRIEF  

Aan de heer Kris PEETERS

Vice-eerste minister en minister van Werk, Economie en Consumentenzaken, belast met Buitenlandse Handel. Hertogstraat, 61  1000 BRUSSEL

 

 

Noch Vlaanderen, noch de Vlamingen leven boven hun stand, maar de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest, dank zij de miljarden transfers die Vlaanderen onherroepelijk verarmt en niet bijdragen tot het herstel van het financieel en economisch weefsel van onze zuiderburen.

Doorheen de staatsmisvormingen heen werden bevoegdheden tot in het absurde toe versnipperd en werden onverantwoorde uitgavenstructuren uitgebouwd. Gebrek aan fiscale verantwoordelijkheid en een Bijbelse vermenigvuldiging van politieke mandaten en beleidsniveaus hebben dit land zo goed als onbestuurbaar gemaakt.

De versnippering van de bevoegdheden is onder druk van de Franstaligen,doorgedrukt om de Belgische eenheidsstructuur niet volledig te ontmantelen. Deze bewust ondoorzichtig gehouden staatsstructuur is voor de Franstaligen de gouden toegangspoort tot het Vlaamse financiële manna zonder hetwelk zij regelrecht onder de voogdij zouden vallen van het IMF, de ECB en de OESO omdat zij niet in staat zijn, en nog lang niet zullen zijn, hun politieke beslissingen te financieren, noch hun financiële schuld aan te zuiveren.

Zelfs de Waalse intelligentia zijn er zich van bewust dat deze toestand onhoudbaar is noch langer te verantwoorden; zie onderstaand enige citaten uit de toespraak gehouden op 12 oktober 2015 voor de Alliance Wallonie-France van professor emeritus J. GAZON van de Luikse universiteit, ik citeer:

Le solde net à financer par la Région wallonne autonome se serait donc élevé en 2012 à 11,121 mias, soit 12,37 % du PIB wallon et environ 24 % des dépenses publique wallonnes.
Une telle réalité résultant de la rupture du lien solidaire avec la

Flandre, déclencherait un processus infernal du type de celui que connaît la Grèce qui, en 2009, hasard des chiffres, présentait un solde net à financer en proportion de son PIB proche de celui calculé pour une Wallonie autonome.

Quelles que soient les options institutionnelles futures, la Wallonie ne pourra se soustraire au redressement de ses finances publiques qui nécessite une réduction drastique de son hypertrophie politico- administrative.

La continuité de la Belgique fédérale ne peut subsister que si la Flandre garantit le lien solidaire interrégional, ce qui postule, pour le moins, que les Wallons acceptent la résorption du déficit qui leur est imputable.

De enige aanvaardbare oplossing is het toekennen van homogene bevoegdheden aan de deelstaten, met inbegrip van de financiële verantwoordelijkheid. De deelstaten en de federale structuren moeten zelf de bevoegdheid en de verantwoordelijkheid krijgen voor de inning van de gelden de ze uitgeven en moeten daarover verantwoording geven aan hun kiezers.

Deze autonomie zal het meteen mogelijk maken in Vlaanderen een financierbaar sociaal beleid te voeren dat niet gehypothekeerd wordt door afromen van de resultaten van de baten van haar economische activiteiten.

Dat is ondermeer uw verantwoordelijkheid, geachte heer vice-eerste minister.

Samen met uw Vlaamse collega’s in het federale parlement beschikt u over een meerderheid om deze voor Vlaanderen niet langer vol te houden financiële aderlating te stoppen en alle bevoegdheden over te hevelen naar de deelstaten met een afgesproken, doorzichtige en resultaat gebonden solidariteit.

Niemand zal dan nog boven zijn stand leven gezien de deelstaten zelf verantwoordelijk worden voor de ontvangsten en de uitgaven en het aangaan en aflossen van de schuld.

Met belangstelling kijk ik uit naar uw antwoord.

Met vriendelijke groeten,

 

Willy DE WAELE

Ere burgemeester



ONTSPORING EN ONGELIJKE BEHANDELING
maandag 13 juli 2015, 12:47
Filed under: STAATSHERVORMING

Meer dan 700 jaar geleden versloeg Vlaanderen de elitetroepen van Franse ruiterij, maar slaagt er niet in deze overwinning te consolideren binnen het Belgische staatsverband.

In tegendeel, met een poging om het federaal bestuursmodel in stand te houden werd door de verschillende staatshervormingen heen, onder druk van de Franstaligen en met de collaboratie van de toenmalige klassieke “Vlaamse” politieke formaties, Vlaanderen opgezadeld met ondoorzichtige en overlappende structuren.

Bijzondere meerderheden, veto’s, overmatige financiële transfers, pariteiten in regering, administratie en magistratuur, remmen Vlaanderens bestuurskracht af.

Bovendien bestaat de strategie van de Francofonie er in het personaliteitsbeginsel altijd en overal uit te dragen.

Wanneer het gaat over het Waals grondgebied, dan denkt Franstalig België in termen van territorialiteit. Gaat het daarentegen over Vlaanderen, dan redeneren Franstaligen in termen van personaliteit en taalvrijheid.

Personaliteit is dus geen wederkerig begrip. ‘Le droit des gens’, geldt alleen voor Franstaligen in Vlaanderen niet voor Vlamingen in Wallonië.

Hun taal en hun cultuur, waar ze zich ook bevinden en vestigen, blijft hun ankerpunt.

De klassieke “Vlaamse” politieke formaties hebben aan de uitvoering van deze politiek hun medewerking verleend.

Op 9 maart 1910 verklaarde de minister van Industrie en Werk HUBERT over de Vlamingen die in de streek van Charleroi tewerkgesteld werden: ‘S’ils veulent travailler en pays wallon, ils n’ont qu’à apprendre la langue.

 Vlaamse mandatarissen van dit formaat heeft Vlaanderen helaas niet.

 Wijlen Jos BALEGEER noemt Vlaanderen, in zijn lezenswaardig boek een, VLAANDEREN VOLK ZONDER BOVENLAAG

 Franstaligen die uit vrije wil hun woonplaats in Vlaanderen gekozen hebben weigeren pertinent de taal en de cultuur van de gastgemeenschap te aanvaarden; inzonderheid in de zes randgemeenten hebben zij de Vlaamse gastvrijheid misbruikt om hun taal en hun cultuur te importeren.

 Met de dood in het hart, zoals wijlen minister J. DE SAEGER liet optekenen, werd in 1963 tegemoet gekomen aan de Franstalige eisen door in de zes randgemeenten politieke en administratieve faciliteiten toe te staan.

In de geest van de Vlamingen uitdovend en een middel om zich aan te passen aan de taal en de cultuur van de Vlaamse gastgemeenschap.

De Franstaligen echter gaan en gingen er van uit dat deze politieke en administratieve faciliteiten voor de huidige en nieuwe inwoners voor de eeuwigheid verworven zijn en blijven en hebben deze misbruikt om deze gemeenten verder te verfransen.

Wijlen Hendrik FAYAT liet optekenen dat deze faciliteiten binnen de 10 jaar zouden uitdoven indien binnen het Brussels gewest de taalwetgeving en de taalpariteit niet zou toegepast zijn.

De gevolgen zijn gekend:

  • De taalfaciliteiten zijn grondwettelijk verankerd en kunnen zonder instemming van de Franstalige minderheid niet meer teruggeschroefd worden;
  • Met de 6de staats(mis)vorming werden de zes randgemeenten electoraal afgesplitst van de kieskring Vlaams-Brabant en vormen een afzonderlijk kiesarrondissement Sint-Genesius-Rode, voorbode tot aansluiting bij het Brussels gewest bij een volgende grondwetsherziening.

Die geschiedenis kent voorgaanden; In 1921 werden Haren, Laken en Neder-over-Heembeek en 1954 Evere, Ganshoren en Sint-Agatha-Berchem op basis van betwistbare talentellingen Vlaamse gemeenten bij de Brusselse agglomeratie gevoegd.

Om aan de niet aflatende expansiedrang van de Franstaligen tegemoet te komen werd met de 6de staats(mis)vorming voorzien in de oprichting van een Brusselse hoofdstedelijke Gemeenschap die zich territoriaal uitstrekt over de volledige oude provincie Brabant.

Vlaanderen daarentegen heeft nooit aanspraak gemaakt op grond, macht noch centen van de Franstaligen landgenoten.

Inzake de kinderbijslagregeling heeft de Francofonie haar slag thuis gehaald; er komt één kinderbijslag voor alle Brusselse kinderen.

In uitvoering van de bijzondere wet hebben de Franstaligen partijen beslist om een gemeenschappelijk decreet goed te keuren om de kinderbijslagregeling maximaal te harmoniseren tussen Brussel en Wallonië.

De kinderbijslagregeling wordt naar de “Fédération Wallonie-Bruxelles” getild. Dat is afgesproken in de “ les Accords de la Sainte-Émilie” van 19 september 2014.

De Brusselse regering heeft nu beslist, onder de dekmantel van “schaalvergroting” dat enkel met kinderbijslagfondsen met minimum 40.000 leden zal overlegd worden. Onnodig er op te wijzen dat de kinderbijslagfondsen waarbij de Vlamingen aangesloten zijn ruim onder deze drempel blijven.

Door“ Accords de la Sainte-Émilie” goed te keuren heeft de Francofonie de band tussen de Brusselse Vlamingen en Vlaanderen definitief doorgeknipt; de Vlaamse overheid heeft en zal geen inspraak krijgen op het beleid van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie met als gevolg dat de Brusselse Vlamingen, zonder hun instemming, ingelijfd worden in de Franse gemeenschap (la fédération Bruxelles-Wallonie).

Deze akkoorden zijn (kunnen) eveneens een schending zijn van de Europese regelgeving inzake het vrij verkeer van personen, goederen en diensten. Bovendien zijn (kunnen) deze akkoorden strijdig zijn met de het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van elke vorm van racismediscriminatie:

 Volgens het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van elke vorm van rassendiscriminatie betekent raciale discriminatie “elk onderscheid, uitsluiting, beperking of voorkeur gebaseerd op ras, huidskleur, afstamming, of nationale of etnische oorsprong die het doel of effect heeft van opheffing of aantasting van erkenning, genieting of uitoefening, op basis van gelijkwaardigheid, van mensenrechten, en fundamentele vrijheden in het politieke, economische, sociale, culturele of enig ander veld van het openbare leven”.[

 Deze akkoorden leggen onweerlegbaar de strategie van de Francofonie in het Brussels gewest bloot: de Brusselse Vlamingen in het bijzonder en Vlaanderen in het algemeen uitsluiten van de politieke en administratieve beslissingscentra.

De Francofonie in en rond het Brussels Hoofdstedelijke Gewest vult hiermede haar primaire filosofie in: de verdere verfransing van de dienstverlening met, via het BMR besluit (goedgekeurd met een bijzondere meerderheid) een inbraak in de rand en Vlaams-Brabant.

Dankbaar voor de overvloedige Vlaamse financiële transfers (461 miljoen € in uitvoering van de 6de staats(mis)vorming) vult de Brusselse regering he begrip “bundestreue” op zijn minst opmerkelijk in; of anders vertaald: één richting solidariteit.

Geen enkele “Vlaamse” Brusselse excellentie, noch “Vlaams” Brussels parlementslid van de meerderheid heeft daartegen geprotesteerd.

Deze akkoorden hebben helaas niet alleen betrekking op de kinderbijslagregeling maar eveneens inzake gezondheidszorg en bijstand aan personen.

 Franstalige actiegroepen vragen de afschaffing van de contingentering van de RIZIV nummers voor de artsen en artsen-tandartsen omdat de Franstalige universiteiten geen instroombeperking kennen zoals deze in Vlaanderen wordt toegepast en dientengevolge met een overaanbod van afgestudeerden geconfronteerd worden die binnen de afgesproken contingentering geen aanspraak kunnen maken op een RIZIV nummer.

De Franstaligen aarzelen zelfs niet om bij de Raad van Europa en bij de Verenigde Naties hun voorgewende discriminatie aan te klagen om het personaliteitsbeginsel in Vlaanderen af te dwingen

Redelijke en rechtvaardige Vlaamse standpunten daarentegen worden voortdurend geassocieerd met egoïsme en zelfgenoegzaamheid.

Deze ontsporing werd mogelijk gemaakt met de verschillende staatshervormingen die door de klassieke “Vlaamse” politieke formaties goedgekeurd werden.

De grondregels van de democratie, meerderheid en minderheid, werd verlaten en de grondwettelijke organisatie van het federaal staatsverband werd uitgehold door het inschrijven van politieke, administratieve en financiële voorrechten voor de Franstalige minderheid.

Democratie is een staatsvorm waarbij de bevolking soeverein is en niet toelaat dat aan de meerderheid ongewenste maatregelen of wetten kunnen worden opgelegd.

Democratie laat niet toe dat de minderheid haar wil aan de meerderheid opdringt, het democratische besluitvormingsproces verhindert en onmogelijk maakt door de inzichten en overtuigingen van de meerderheid tegen te houden.

Zolang de Franstaligen hun bestuurlijke en politieke inzichten, met de collaboratie van de toenmalige unitaire partijen, konden realiseren is deze democratische besluitvorming nooit in vraag gesteld.

De grondwet van 1831 kon met een 2/3 meerderheid worden herzien en van een meerderheid in taalgroepen en van bijzonder wetten was geen sprake.

Na de opsplitsing van de unitaire partijen, eind 1960 en begin 1970 (CVP in 1968, PVV in 1972 en BSP in 1974) , werd door de Franstaligen deze democratische besluitvorming in vraag gesteld en werden in de grondwet en met bijzondere wetten een aantal voorkeurregelingen voor de Franstaligen ingeschreven.

De herziening van de grondwet tot 1970 was mogelijk met een 2/3 meerderheid; in 1970 werd een meerderheid in beide taalgroepen ingeschreven.

Wijlen Wilfried MARTENS, één van de vaders van deze constructie, laat in zijn memoires noteren, ik citeer:

 

Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen.    

Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstalingen telkens zouden worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.

                                                             Einde citaat

Bijkomend werden met de alarmbel- en belangenconflict procedures een rem gezet op de Vlaamse demografische meerderheid.

De Vlaamse demografische meerderheid is gesneuveld op het altaar van deze heilloze compromissen cultuur met als gevolg dat redelijke Vlaamse voorstellen niet meer langs democratische weg kunnen worden gerealiseerd.

Rik VAN CAUWELAERT laat in de in De Tijd van zaterdag 11 juli 2015 optekenen:

De burger die zwaar betaald om behoorlijk bestuurd te worden, wordt bedrogen door een kleine cynische politieke klasse voor wie de Wetstraat een zelfbedieningszaak is.

Een beter omschrijving voor de particratie is nauwelijks te vinden.

Een treffend voorbeeld is de houding van de Franstalige partijen bij de stemming over de splitsing van de kieskring B H V in de Kamercommissie van Binnenlandse Zaken van 7 november 2007.

Alle Franstalige Kamerleden, de huidige eerste minister op kop, verlaten de vergadering en roepen gedurende 2,5 jaar de belangenconflict procedure in zodat een democratisch gestemd wetsvoorstel niet kan worden uitgevoerd.

Sindsdien is het van kwaad naar erger geëvolueerd met als kers op de taart de 6de staats(mis)vorming die voor de Franstaligen bijkomende voorrechten gecreëerd heeft verankerd in de grondwet en met bijzondere wetten.

Een treffend voorbeeld is het verlies van 2 federale Vlaamse Kamerzetels in de kieskring Brussel omdat de “Vlaamse” onderhandelaars het apparenteringsvoorstel tussen de kieskring Vlaams-Brabant en deze van Brussel, voorgesteld en voorbereid door de Conferentie van de Burgemeesters van Halle-Vilvoorde, lieten vallen.

Trouwens, hebben federale verkiezingen in Vlaanderen nog zin? De uitslag bepaalt enkel de politieke machtsverhoudingen binnen Vlaanderen maar deze wordt in de federale Kamer door blokkeringsmechanismen, bereidwillig door de “Vlaamse” politieke formaties aan de Franstaligen verleend, volledig geannuleerd.

In het gerechtelijk arrondissement Brussel konden enkel Franstalige juristen, met uitsluiting van Vlaamse juristen, tot procureur des Konings en arbeidsauditeur worden benoemd.

Het Grondwettelijk Hof heeft deze regeling vernietigd maar de benoeming van deze magistraten gehandhaafd.

In toepassing van “le droit de la personne” zijn er Franstalige parketmagistraten in Halle-Vilvoorde benoemd die bij voorrang de zaken van Franstaligen behandelen.

Op grond van datzelfde princiepe zijn Franstalige rechtscolleges tot heel diep in Vlaanderen bevoegd. Gooik, Roosdaal, Londerzeel, Galmaarden, Lennik… allemaal gemeenten begiftigd met faciliteiten in gerechtszaken.

Er zijn echter geen Nederlandstalige parketmagistraten in Waals-Brabant. Al evenmin zijn er Nederlandstalige rechtbanken in Waver, Waterloo,Grez-Doiceau, La Hulpe, … waar nochtans heel wat Vlamingen wonen.

Door het federaal behouden van de sociale zekerheid en de fiscaliteit wordt het Vlaanderen onmogelijk gemaakt een eigen politiek te bepalen en te financieren en maakt van Vlaanderen het wingewest voor België. De zesde staats(mis)vorming houdt voor Vlaanderen nauwelijks vooruitgang in.

Vlaanderen wordt door de Belgische francofonie gekoloniseerd en heeft zich, met de collaboratie van de “Vlaamse” partijen via de Belgische structuren voorrechten gewaarborgd, die zonder hun toestemming niet kunnen worden gewijzigd.

La Libre Belgique van 15 november 2013 stelt onomwonden vast, ik citeer:

 La Flandre, grande perdante de la sixième réforme de l’Etat

 Oud journalist, Hugo DE RIDDER, over de 6de staatshervorming in Humo, ik citeer:

 Er liep een rilling over mijn rug toen ik staatssecretaris Melchior WATHELET die 1.000 bladzijden aan de premier zag geven. Uit ervaring weet ik dat er om de 10 bladzijden conflictstof inzit die dagen- en nachtelijke onderhandelingen zullen uitlokken. Alles samengevat mag je dus een 100 tal moeilijke knopen verwachten die de volgende jaren de krantenkoppen zullen halen

 Einde citaat

De overdracht van de plantentuin in Meise heeft 11 jaar in beslag genomen.

Naast de grondwettelijke minorisering van de demografische Vlaamse meerderheid wordt Vlaanderen geconfronteerd met een aanslag op de opbrengst van haar economische activiteiten.

De massale financiële transfers, stelt het Rekenhof in haar 25ste rapport vast, hebben niet belet dat de openbare schuld van het Waalse Gewest, 11 miljard € bedraagt; het dubbele van het bedrag dat door de Waalse regering is voorgesteld. Eurostat, de Europese Rekenkamer, komt uit op 18 miljard €.

Dit is het gevolg van het toekennen van alle mogelijke sociale voordelen, tewerkstelling bij de overheid en intercommunales, aanstellingen in raden van bestuur van overheidsbedrijven en noem maar op.

Dit wordt gebruikelijk als kliëntelisme omschreven alhoewel het hier zonder meer het oneigenlijk gebruik van overheidsmiddelen betreft.

Zonder de derde betaler, in casu VLAANDEREN, is dergelijke politiek onmogelijk vol te houden en de hoofdreden waarom het Waals gewest en de Franse gemeenschap zich aan de Belgische eenheidsstaat vastklampen. Deze structuur verlaten betekent het einde.

Het is zo goed als onmogelijk, en wordt doelbewust verhinderd, dat de interregionale geldstromen (‘transfers’) correct in kaart worden gebracht.

In Duitsland wordt het deel van de belastingen dat dient om de armere deelstaten te financieren expliciet apart op de belastingbrief wordt vermeld.

Onze politieke mandatarissen stellen dat deze gegevens te gevoelig zijn en de interpersonele solidariteit in gevaar brengen.

Anders gelezen: het vrijgeven van deze informatie is een bedreiging voor de instandhouding van het Belgische staatsverband.

Reeds op 13 augustus 1996 schreef hoogleraar Bea CANTILLON in Humo, ik citeer:

Maak de transfers van Vlaanderen naar Wallonië in de Sociale Zekerheid niet te doorzichtig, want als de mensen weten waar al dat geld naar toe vloeit, zullen ze niet meer willen betalen.

 einde citaat

Ondanks dit indrukwekkend Vlaams financieel infuus (geen terug te betalen leningen zoals voor Griekenland) zijn het Waals gewest en de Franse gemeenschap niet in staat, ondanks alle Marshall plannen: hun financieel huishouden te ordenen en zinken verder weg in een budgettair moeras.

 Aan het

  • Ontbreken van een onverantwoord financieel beleid;
  • aan het ontbreken van een deugdelijk onderwijs;
  • aan het ontbreken van rationele investeringen;
  • aan het ontbreken machtuitoefening in functie van het algemeen belang;

kan enkel een einde gemaakt worden onder een voogdij die nauw toekijkt op de politieke bijsturingen en het adequaat gebruik van het Vlaams financieel infuus.

Er zal aan de Waalse beleidsvoerders toch eens duidelijk moeten gemaakt worden dat de uitgaven moeten verdiend worden en niet eindeloos blijven hangen aan het Vlaams financieel infuus zonder uitzicht op een duurzaam herstel.

Griekenland werd voor dergelijke politiek aan de Europese schandpaal genageld en onder de curatele gesteld van het IMF, de OESO en de ECB.

Fons VERPLAETSE, de gewezen gouverneur van de Nationale Bank, stel in Knack van 7 juli 2015 onomwonden, ik citeer:

Problemen worden hier vaak opgelost met gesjacher op z’n Belgisch. Mag ik het zeggen? We leven in een irrationeel land.

 Einde citaat

De Frankfurter Allgemeine verwoordt het treffend, ik citeer:

 

Hat ein Staat, dessen französichsprachiger Teil sich von der Niederländisch sprechenden Bevölkerung gigantisch alimentieren lässt, aber deren Kultur und Historie ostentativ ignoriert, nicht seine Existenz verspielt ? ”

 

De gevolgen voor Vlaanderen van deze desastreuze politiek laten zich voelen.

De jaarlijkse financiële transfers geraamd op 12 miljard € en de uitvoering van de 6de staats(mis)vorming en de bijzondere financieringswet beletten Vlaanderen:

  • Ieder jaar zonder problemen de uitbetaling van de kinderbijslag en de leeftijdsbijslag te financieren
  • Ieder jaar de woonbonus onverkort toe te kennen;
  • Ieder jaar de noodopvang in de Vlaamse jeugdsector aan te pakken;
  • Ieder jaar alle noden in de Vlaamse zorgsector te leningen;
  • Ieder jaar alle investerings- en werkingsbehoeften voor het Vlaams onderwijs op te vangen;
  • Ieder jaar 50.000 sociale woningen kunnen bouwen;
  • Ieder jaar rusthuizen voor bejaarden te bouwen zonder de dagverblijfskost te verhogen;
  •  Ieder jaar de Vlaamse culturele- en sportverenigingen probleemloos te betoelagen;
  • Ieder jaar zonder problemen de infrastructuur en de werking van de Vlaamse kinderopvang te financieren;
  • Ieder jaar minstens 2 Oosterweel verbindingen te realiseren;
  • Ieder jaar de volledige Vlaamse wegeninfrastructuur te renoveren;
  • Ieder jaar de arbeidskost te verlagen en de belastingen te drukken;

Dit staatsverband heeft, met collaboratie van de klassieke “Vlaamse” politieke formaties, om de Franstalige minderheid ter wille te zijn het territorialiteitsbeginsel verlaten, de hoeksteen en de politieke basis voor een vreedzaam samenleven in een federaal staatsverband, evenals de meerderheidsregels en de politieke verantwoordelijkheid voor het gevoerde beleid (‘no taxation without representation’).

Politieke solidariteit betekent dat mandatarissen van het ene landsdeel niet bewust handelen tegen de belangen van een andere deelstaat in.


Een staatsverband dat enkel in stand kan worden gehouden door de meerderheid van zijn bevolking te minoriseren en financieel lam te leggen kan niet overleven.

Wij moeten ons dan ook de vraag durven stellen of het federale bestuursniveau voor Vlaanderen nog enige toegevoegde waarde heeft.

Hoe het staatsverband ook mag genoemd worden is van ondergeschikt belang.

Belangrijk is dat Vlaanderen autonoom beschikt over de opbrengsten van haar economische activiteiten, de verdeling ervan organiseert en de omvang van een doorzichtige, controleerbare en resultaat gebonden solidariteit zelf bepaalt.

Dan pas zal er in Vlaanderen op 11 juli kunnen gefeest worden.

 

Willy DE WAELE

Ere burgemeester