Willy De Waele's Weblog


RATINGS – OORZAKEN EN GEVOLGEN
dinsdag 17 januari 2012, 16:00
Gearchiveerd onder: FINANCIEN

De laatste maanden is er heel wat te lezen geweest omtrent de ratingbureaus die rapporten over de kredietwaardigheid van de nationale staten publiceren. Deze kredietwaardigheid is van bijzonder belang voor het bepalen van de intrest bij de opname van leningen.

Op 25 november 2010 werd door het ratingbureau STANDARD & POOR’s de kredietwaardigheid van België teruggebracht van AA+ naar AA. Deze terugval werd toegeschreven aan de onverzettelijke houding van de Vlaams nationalisten die door te weinig compromisbereidheid verhinderden dat België behoorlijk bestuurd wordt.

Dit is op zijn minst een vreemde vaststelling; Vlaanderen heeft weinig schulden en een begroting in evenwicht. Bovendien waardeert STANDARD & POOR’s met zijn rapporten van 23 april en 15 december 2010 het budgettair beleid van Vlaanderen.

Onderstaande paragraaf uit deze rapporten toont aan waarom, ik citeer:

The long-term rating on the Kingdom of Belgium (AA+/Stable/A – 1 +) curtails any upgrade of Flanders, owing to the current framework for intergovernmental relationships between the central government and local and regional governments and the ensuing limits on their financial autonomy”.

De rating van het koninklijk België verhindert een AAA rating voor Vlaanderen. De Vlaamse kredietwaardigheid wordt, wat de Belgische nationalisten ook mogen beweren, beknot door België. Dientengevolge wordt de financiële economische slagkracht van Vlaanderen ernstig gehypothekeerd.

De Vlaamse rating is noch meer noch min een afspiegeling van de Belgische en gezien België slecht scoort draagt Vlaanderen er automatische de gevolgen van.

Opdat het ratingbureau Vlaanderen autonoom een waardering zou kunnen toekennen is een minimum aan fiscale autonomie een noodzaak; de regeerovereenkomst van E. DI RUPO voldoet op geen stukken aan dit criterium.

De reden is niet moeilijk te achterhalen; Brussel en Wallonië worden, ondanks de financiële transfers uit Vlaanderen, geconfronteerd met een gigantisch negatief primair saldo (primair saldo = de beschikbare financiële middelen min de rentelasten):

  • Brussel:      een primair saldo van – 687.000.000 €
  • Wallonië:      een primair saldo van – 7.803.000.000 €
  • Het primair saldo voor Vlaanderen bedraagt + 863.000.000 €

Deze cijfers hebben betrekking op het jaar 2009.

(bron: emeritus professor aan de Luikse universiteit J. GAZON)

 

De Waalse politieke leiders, inzonderheid de P S, hebben helaas geen vat op deze ontwikkeling omdat zij de noodzakelijke financiële en economische beslissingen niet kunnen of niet durven nemen. De P S is zodanig verstrengeld met de macht van het systeem dat de uitvoering van eender welk reddingsplan niet kan lukken omdat het bestaan van de P S zelf er door bedreigd wordt.

Het resultaat van deze onvoorwaardelijke solidariteit is DESASTREUS voor Wallonië en heeft ganse bevolkingsgroepen tot onzekere uitkeringsverslaafden veroordeeld.

Het resultaat is een massale werkloosheid, die – naar te vrezen valt – maar zal verdwijnen wanneer de werkloosheidsvergoeding zal ingeruild worden voor een karig pensioen. Velen zijn immers niet meer inzetbaar voor de niet-gesubsidieerde arbeidsmarkt.

Het is dan ook een illusie te geloven dat Wallonië op eigen kracht in staat zal zijn de nodige drastische hervormingen door te voeren.

Het hoge aantal Waalse uitkeringsgerechtigden, samen met het hoge aantal werknemers in de Waalse overheidsdienst, hebben vooral belang bij het status-quo, hetgeen voor gevolg heeft dat er nooit een politieke meerderheid kan gevonden worden die in staat is om de aller noodzakelijkste hervormingen door te voeren.

Met het gevolg dat Wallonië verder zal wegkwijnen en de rest van het land meesleuren. Het herstel van het Waals economisch weefsel, dat door decennia van contraproductieve en onvoorwaardelijke solidariteit grotendeels vernietigd is zal enkel onder externe dwang tot stand kunnen komen.

Er zal bovendien niet kunnen gerekend worden op de Waalse solidariteit om de kosten van de vergrijzing en de gezondheidskosten in Vlaanderen op te vangen. Het zal dan ook blijken dat zonder de Vlaamse solidariteit de Franstaligen dit land niet meer hoeven.

De Franstaligen willen wel een ander België, maar het mag hen niets kosten, waarbij ze straal voorbijgaan aan de grote kostprijs voor Vlaanderen .

Tot slot vestig ik er de aandacht op dat door het verminderen van de kredietwaardigheid Vlaanderen bij het aangaan van leningen op de kapitaalmarkt minstens 2% meer betaalt dan landen met een hogere rating. Dit kost de Vlaamse belastingbetaler heel veel geld waar niemand, behoudens de bankiers, beter van worden.

Deze vaststellingen onderbouwen volledig de absolute noodzaak van een nieuwe federale financieringswet, met volledige fiscale autonomie voor de deelstaten, teneinde de Vlaamse welvaart in stand te kunnen houden.

Ook de lokale besturen moeten onder dezelfde voorwaarden op de kapitaalmarkt leningen afsluiten en zijn mede het slachtoffer van de slechte Belgische rating; de lokale belastingbetaler past het saldo bij.

De Belgische solidarieit dekt inderdaad een vreemde lading.

Willy DE WAELE

Ere-burgemeester



zaterdag 6 augustus 2011, 18:15
Gearchiveerd onder: BRUSSEL - HALLE- VILVOORDE

zaterdag 6 augustus 2011

 

            OPEN BRIEF

 

 

 

 

Aan mevrouw Caroline GENNEZ

Aan de heer Wouter BEKE

Aan de heer Alexander DE  CROO

Aan de heer Wouter VAN BESIEN

 

Voorzitters van de onderhandelende

 VLAAMSE POLITIEKE PARTIJEN

________________________________________________________

 

 

 

Geachte,

 

 

Het zal u gekend en bekend zijn dat de grondwet de federale staat ingedeeld heeft in gewesten, gemeenschappen en taalgebieden die territoriaal afgebakend zijn; iedere gemeente behoort tot een taalgebied.(de eerste vijf artikelen van de grondwet);

 

De kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde staat haaks op deze grondwettelijke indeling en omdat deze zich uitstrekt over twee gewesten, gemeenschappen en taalgebieden.

 

De splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde is dus het logische gevolg van de indeling van de federale staat in gewesten, gemeenschappen en taalgebieden die territoriaal afgebakend zijn; daaromtrent kan niet worden onderhandeld, laat staan gecompenseerd.

De splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde heeft geen communautair aspect zoals te pas en te onpas wordt verkondigd, maar iets dat een rechtstaat fundamenteel en veel dieper raakt: het respect voor de grondwet.

Als een democratisch gekozen meerderheid wetten goedkeurt, als het Grondwettelijk Hof een arrest velt, dan heeft de uitvoerende macht de plicht deze uit te voeren. Onderhandelen daaromtrent is de inhoud en de betekenis van het begrip democratie onderuit halen en de minderheid toelaten haar wil op te dringen.

Het naleven van de grondwet, het afdwingen van de naleving ervan en de uitvoering van een arrest van het Grondwettelijk Hof zijn dientengevolge in het Belgisch staatverband onmogelijk geworden.

Ik meen mij te herinneren dat uw federale parlementsleden, bij de aanvaarding van hun mandaat, gezworen hebben de grondwet na te leven.

Het is echter naïef te geloven dat de Franstaligen zullen bereid zijn het comfort van het status quo te verlaten; de resolutie van het Waals parlement van 16 juli 2008 laat daaromtrent niet de minste twijfel bestaan.

 

  • Het behouden van de financiële transfers;
  • Verzet tegen elke bevoegdheidsoverdracht zonder bijkomende middelen;
  • Spreekt zich uit voor een actieve solidariteit met de Franstaligen in de rand;
  • Aansluiting van de randgemeenten bij het Brussels gewest;
  • In / uitschrijvingrechten bij verkiezingen;
  • Bevoegdheden voor de Franstalige gemeenschap in Vlaanderen;
  • Eist dat Vlaanderen de conventie over de minderheden goedkeurt;
  • Zegt zijn vertrouwen op in de Vlaamse Kamers van de Raad van State;

 

DEZE RESOLUTIE IS DOOR ALLE WAALSE PARTIJEN GOEDGEKEURD

 

Zo ook het “Manifeste pour l’Unité Francophone” van november 2006, ik citeer: “La scission de l’arrondissement électoral de Bruxelles-Hal-Vilvorde, exigée par le Parlement flamand, signifie donc la fin du compromis fédéral belge. Elle est à ce titre non négociable si la frontière linguistique est maintenue dans son état actuel. “, einde citaat.

De Franstalingen zijn het blijkbaar vergeten dat zij in 1932 formeel de tweetaligheid geweigerd hebben hetgeen de facto en de jure de afbakening van de taalgrens voor gevolg had; een bescherming van de ééntaligheid in Wallonië. Die taalgrens moest, zal en mocht maar in één richting ondoorlaatbaar zijn: VAN VLAANDEREN NAAR WALLONIE.

 

Aan de voorzitters van de V L D en de S P a herinner ik  de handtekening onder de gezamenlijke verklaring van 13 mei 2004 (zie bijlage) van de burgemeesters met ondermeer uw gewezen partijvoorzitters Dirk STERCKX, en Steve STEVAERT.

 

In deze gezamenlijke verklaring was duidelijk afgesproken dat Vlaanderen voor de splitsing van de kieskring geen prijs dient te betalen.

 

PACTA SUNT SERVANDA ?

 

Bij de voorgestelde splitsing van het gerechtelijk arrondissement blijft de formateur ostentatief uitgaan van Franstalige georganiseerde rechtsbedeling in Vlaanderen; andermaal het behoud en bestendigen van voorrechten.

 

Door hieromtrent te onderhandelen erkent u expliciet dat in dit land de grondwettelijke territoriale indeling, zonder compensaties voor de Franstalingen, niet meer langs democratische parlementaire weg kan gerealiseerd worden.

Wilfried MARTENS, één van de vaders van deze constructie, erkent in zijn memoires, ik citeer:

….. Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen.

Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstalingen telkens zouden worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.

Ter informatie: voor de verkiezingen voor het Europese Parlement van 7 juni 2009 konden kandidaten uit 64 gemeenten van de WAALSE KIESKRING en het FRANSE KIESCOLLEGE in 35 Vlaamse Brabantse gemeenten aan de kiezer worden voorgesteld: het omgekeerde is niet mogelijk.

Mag ik u er aan herinneren dat sinds het ontstaan van de Belgische staat de Vlamingen de actieve verfransing van Vlaanderen ondergaan. De taal- en administratieve faciliteiten in de zes randgemeenten zijn het tastbare bewijs van het onvermogen en de onwil (onkunde) van de Franstaligen om zich aan te passen aan de taal- en de cultuurgemeenschap waar zij in volle vrijheid gekozen hebben te verblijven.

 

Charles ROGIER, de eerste premier van de nieuwe Belgische staat, liet daaromtrent geen twijfel bestaan met zijn brief aan de minister van Justitie, ik citeer:

 

Les premiers principes d’une bonne administration sont basés sur l’emploi exclusif d’une langue et il est évident, que la seule langue des Belges doit être le Français.

 

Pour arriver à ce résultat, il est nécessaire que toutes las fonctions, civiles et militaires, soient confiées pour quelques temps à des Wallons; de cette manière les Flamands, privés temporairement des avantages attachés à ces emplois, seront contraint d’apprendre le Français et l’on détruira, peu à peu l’élèment germanique en Belgique

 

Het is een illusie te geloven dat in de geesten van de Franstaligen iets zou veranderd zijn; ik citeer D. REYNDERS, federaal vice-premier – 7 juni 2007

 

`S’IL Y A UNE PATRIE À DONNER AUX FRANCOPHONES,

S’IL Y A UNE PATRIE À LEUR FAIRE AIMER,

C’EST UNE PATRIE FRANCOPHONE,

UNE BELGIQUE FRANCOPHONE‘.

 

De grenzen van de deelstaten en de integriteit van de taalgebieden kunnen enkel nog gewaarborgd worden door het afschaffen van de taalfaciliteiten, die reeds decennia misbruikt worden om Vlaams-Brabant doelbewust te verfransen

 

De Vlaamse migratie naar Wallonië heeft nooit een actieve vervlaamsingspolitiek in het zuiden des lands voor gevolg gehad; de Vlamingen hebben zich, zoals het hoort, aangepast aan taal en cultuur van hun gastgemeenschap.

 

Wanneer gaat u nu eens voor altijd het Belgisch denkkader verlaten en u op dezelfde lijn stellen van uw Franstalige homoniemen die in de eerste plaats opkomen voor de belangen van hun volk, hun gewest en hun gemeenschap en pas het Belgische denkkader hanteren voor zover het in hun financiële kraam past.

 

De kern van het probleem is dat de Franstaligen er blijven van uitgaan dat heel België, dus ook Vlaanderen hun eigendom is, terwijl de Belgische staat uiteengevallen is in twee democratieën met diametraal tegengestelde inzichten, belangen en oplossingen.

 

De geschiedenis zou u moeten leren dat de Walen in tempore non suspecto openlijk opkwamen voor hun Franse identiteit:

 

  • De Luikenaar, Emile DUPONT, ondervoorzitter van de Senaat, verkondigde op 9 maart 1910 in de openbare vergadering van deze assemblee  “Vive la séparation administrative”;

 

  • In 1912 schreef Jules DESTREE in zijn brief aan het staashoofd  sur la Séparation de la Wallonie et de la Flandre, “Sire, er zijn geen Belgen”

 

Het unitaire Belgisch bestuursmodel is niet ontwricht door een zelfzuchtig en inciviek Vlaanderen, maar door de Franstalingen die zich tegen deze structuur keerden van het ogenblik af dat zij deze staat niet meer eigenmachtig konden besturen en overheersen.

 

De Belgische binding wordt nog gehandhaafd omdat de Franstaligen bijzonder veel baat hebben bij de ondoorzichtige financiële Vlaamse solidariteit. Valt dit financieel infuus weg door meer budgettaire transparantie en verantwoordelijkheid voor de eigen ontvangsten dan zal voor hen ook het federale België niet meer nodig zijn.

 

De nota van formateur E. DI RUPO is de perfecte vertaling van deze filosofie.

 

Door de onderhandelingspoort open te zetten zult u de Franstalingen toelaten deze politiek verder te organiseren en hun voorrechten verder uit te bouwen en te bestendigen. Maakt u zich geen enkele illusie: het zal nooit genoeg zijn.

 

Mevrouw en heren voorzitters zolang de Franstalingen, in het bijzonder de Francofonie in en rond Brussel, niet tot het inzicht komen dat zij moeten afzien van hun voorrechten, zowel communautair als sociaal -economisch is iedere onderhandeling tijdverlies en kan enkel leiden tot het zoveelste compromis dat in zich de kiemen zal dragen van een nieuw conflict.

 

De Franfurter Algemeine vat het bondig samen, ik citeer:

 

“ Hat ein Staat, dessen französichsprachiger Teil sich von der Niederländisch sprechenden Bevölkerung gigantisch alimentieren lässt, aber deren Kultur und Historie ostentativ ignoriert, nicht seine Existenz verspielt ? ”

 

Met hoogachting,

 

 

 

 

 

Willy DE WAELE

 Ere burgemeester



ALS DE VOS DE PASSIE PREEKT …..
zondag 17 juli 2011, 16:12
Gearchiveerd onder: LENNIK

LUISTER NAAR
MIJN WOORDEN, MAAR ZIE VOORAL NIET NAAR MIJN DADEN

“Kroniek uit de handelingen van een postjespakker”

Respect voor fatsoensnormen, morele en ethische waarden bepalen eveneens, naast de decretale regelgeving, het gedragspatroon van een verkozen mandataris.

Door handelingen te verrichten waarvoor hij noch bevoegd, noch gemandateerd was, en door ostentatief tussen het publiek plaats te nemen tijdens de vergaderingen van de gemeenteraad, heeft Eddy WARRAND deze waarden en normen volkomen miskent en genegeerd.

Het is ongezien dat een lid van het college van burgemeester en chepenen, om welke reden ook, de vergadering van de gemeenteraad onmogelijk maakt met een agenda nota bene, die hij zelf goedgekeurd heeft.

Het is perfect mogelijk dat een verkozen mandataris zich niet meer kan terugvinden in de politieke lijn van de formatie met dewelke hij verkozen werd; de enige logische en voor de hand liggende deontologische houding is het mandaat ter beschikking stellen van de groep die de toekenning van het mandaat mogelijk gemaakt heeft.

Een democratische besluitvorming veronderstelt immers de keuze tussen meerderheid en minderheid; tegelijkertijd tot beide groepen behoren is de negatie er van.
Door tegelijkertijd vast te houden aan zijn schepenmandaat en oppositie te voeren verkracht Eddy WARRAND de wezenlijke inhoud van de democratische
besluitvorming en negeert hij ostentatief zijn ambtseed: ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.

Als voorzitter van de gemeenteraad stel ik vast dat de rechten voorzien door artikel 32 van het gemeentedecreet door Eddy WARRAND misbruikt worden om politieke standpunten in te nemen die niet in overeenstemming kunnen gebracht worden met deze waartoe hij zich binnen de L v B groep verbonden heeft bij het aanvaarden van zijn schepenmandaat.

De decreetgever heeft er zich toe beperkt het tot de orde roepen in geval van het gebruik van scheldwoorden, beledigende uitdrukkingen, of het gebruik van persoonlijke aantijgingen tijdens de vergaderingen van de gemeenteraad.

De decreetgever heeft  niets voorzien om mandatarissen tot de orde te roepen en te sanctioneren die hun politieke formatie verlaten hebben met dewelke zij aan de verkiezingen deelgenomen hebben en aan dewelke zij hun mandaat en de er aan verbonden rechten en voordelen te danken hebben.

Ik kan dus niets anders dan vaststellen dat Eddy WARRAND ostentatief weigert de passende gevolgen te trekken uit zijn houding en blijft weigeren zijn mandaat ter beschikking te stellen van de groep met dewelke hij verkozen werd en tegelijkertijd  dit mandaat misbruikt om deze groep en de meerderheid politiek te bekampen.

De voogdij, verwijzend naar het gemeentedecreet, aanvaardt niet dat de voorzitter van de gemeenteraad dit als orde verstorend beschouwd; niets echter belet de voorzitter van de gemeenteraad, in acht nemen artikel 32 van genoemd decreet, de tussenkomsten van Eddy WARRAND als beledigende uitdrukkingen te kwalificeren en
tot de orde te roepen.

Tenslotte, er aan toevoegend, enkele citaten uit een pamflet van een recent opgerichte politieke formatie waarvan
Eddy WARRAND zich stichtend lid noemt, ik citeer:

 

… De burger begrijpt er al lang niets meer van en komt voor de
zoveelste keer tot de conclusie dat het “allemaal dezelfde zijn” en dat het enkel om postjes te doen is.

 … Maar dan moet het eigen belang van de mandataris plaats maken voor het belang van de inwoner die hem verkozen heeft.

Dit kan, gezien de politieke houding van Eddy WARRAND, niets anders dan als plat populisme gekwalificeerd worden en is duidelijk de schaamteloosheid voorbij; hij heeft zijn destructieve arrogantie niet meer onder controle

In verband met de bevoegdheidsverdeling in de schoot van het college van burgemeester en schepenen schrijft de gouverneur op 14 juni 2011, ik citeer:

Artikel 53 van het gemeentedecreet bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen collegiaal beslist. Uit
geen enkele bepaling van het gemeentedecreet volgt dat aan alle leden van het college van burgemeester en schepenen een specifieke bevoegdheid moet worden toegekend.

 

Het behoort tot de autonomie van het college van burgemeester en schepenen om de bevoegdheden te verdelen onder de schepenen en het is dan ook mogelijk dat één schepen geen of geen bevoegdheid meer heeft. Bijgevolg ben ik de mening toegedaan dat de collegebeslissingen betreffende de bevoegdheidsverdeling van de schepenen
bestuursmaatregelen zijn van interne orde, waarover enkel het college kan beslissen.

 

Als gouverneur kan ik dan ook niet verder tussenkomen in deze zaak.

Eddy WARRAND is hieromtrent zeer discreet gebleven. De media heeft hij daaromtrent niet op de hoogte gebracht. Lef is duidelijk een éénrichtingsovertuiging.

Willy DE WAELE
Ere burgemeester

Voorzitter van de gemeenteraad



zaterdag 5 maart 2011, 11:13
Gearchiveerd onder: V L D

 

donderdag 3 maart 2011

 

OPEN BRIEF

 

De heer Mathias DE CLERCQ

Volksvertegenwoordiger – schepen

 GENT

Geachte heer volksvertegenwoordiger,

Met uw interview in De Morgen van zaterdag 26 februari 2011 stelt u, ik citeer:

 “Het Vlaams nationalisme is een dodelijk gif. Het sluipt stilletjes binnen, verlamt de rede en op de duur houdt het alles in zijn greep.”

In hetzelfde interview merkt u op, ik citeer andermaal:

 “De kiezer heeft een duidelijk signaal gegeven. Het signaal dat ons land moet worden hervormd. Als je een mandaat hebt gekregen van de kiezer dan moet je oplossingen zoeken en tot vooruitgang komen. België heeft hervormingen nodig. Er moet naar efficiëntie worden gestreefd, naar homogene bevoegdheidspakketten, naar meer transparantie.”

Dat dit land een democratisch deficit heeft is al langer gekend. Uw voorstel om dat met een federale kieskring te veranderen raakt noch kant noch wal omdat het politieke verhoudingen in het federale België niet kan veranderen, dit omdat de Franstaligen, ongeacht hun aantal federale volksvertegenwoordigers, over vetorechten beschikken en deze ook gebruiken om hun belangen veilige te stellen.

Na vijf staatshervormingen (misvormingen) hebben de Vlamingen op het altaar van de Belgische eenheid hun mathematische meerderheid prijsgegeven en het terugschroeven ervan onmogelijk gemaakt door in te stemmen met:

  •  de grendelgrondwet
  • de belangenconflictprocedure
  • de alarmbelprocedure.

De Vlamingen moeten zowat het enige volk zijn dat afstand gedaan heeft van zijn numerieke meerderheid om de voorrechten van de Franstaligen te waarborgen en het terugschroeven ervan onmogelijk te maken.

Ik citeer uit de memoires van Wilfried MARTENS (2006), één van de architecten van deze constructie:

 “….. Wegens de vele grendels zullen de Vlaamse politici afhankelijk zijn van de goodwill van de Franstalige collega’s, wanneer zij de werking van de Belgische staat op de Vlaamse noden willen afstemmen. Daarbij bestaat het gevaar dat zij door de Franstaligen telkens zouden worden gedwongen tot het betalen van een prijs, in ruil voor het verkrijgen van hun fiat.”

Dat de Franstaligen er niet voor terugschrikken deze obstructieprocedures te gebruiken bewijst het blokkeren van de stemming in de Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken van 7 november 2007 door het inroepen van 5 belangenconflicten en de alarmbelprocedure teneinde de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde te verhinderen.

Zelfs de uitvoering van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003, dat een discriminatie vastgesteld heeft strijdig met de artikelen 10 en 11 van de grondwet, wordt door de Franstaligen geblokkeerd.

Neem als Kamerlid de proef op de som; leg een wetsvoorstel neer houdende goedkeuring van de resoluties van het Vlaams parlement van 1999, ook door de V L D goedgekeurd. U kunt er gif op innemen dat de Franstaligen alles uit de kast zullen halen om zelfs maar een in overwegingneming goed te keuren.

De Busquin doctrine wordt en blijft voor de Franstaligen onverkort van toepassing en vertaalt zich in “non” en “on est demandeur de rien”. De Franstaligen zullen de voordelen van het status quo nooit opgeven en zullen alle hervormingen blijven verhinderen omdat zij blijven hangen aan het Vlaams financieel infuus, zonder hetwelk zij hun politiek cliëntelisme en syndicaal corporatisme niet kunnen financieren.

 Reeds op 13 augustus 1996 waarschuwde Bea CANTILLON in Humo, ik citeer:

 “Maak de transfers van Vlaanderen naar Wallonië in de Sociale Zekerheid niet te doorzichtig, want als de mensen weten waar al dat geld naar toe vloeit, zullen ze niet meer willen betalen.”

Misschien is het u ontgaan, maar reeds in september 1991 dreigde Philippe MOUREAUX, vice-premier van de regering in de regering MARTENS VIII met een institutionele atoombom – het bijeenroepen van de Waalse Staten-Generaal – omdat de regering weigerde F N wapens aan de landen rond de Perzische golf te leveren; Wallonië zou zelf de vergunningen afleveren, alhoewel het daartoe niet bevoegd was.

 De vice-premier had enkel oog voor de belangen van de Waalse wapenindustrie; het federale België kon hem gestolen worden.

 Eigen volk eerst “avant la lettre”.

 Gewezen informateur en uittredend vice-premier en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen schrijft in een verkiezingspamflet – verkiezingen van 7 juni 2009 – van de Union des Francophones:

« `S’IL Y A UNE PATRIE À DONNER AUX FRANCOPHONES,

S’IL Y A UNE PATRIE À LEUR FAIRE AIMER,

C’EST UNE PATRIE FRANCOPHONE,

UNE BELGIQUE FRANCOPHONE‘. »

 

De Franstaligen zijn het blijkbaar vergeten dat zij in 1932 formeel de tweetaligheid geweigerd hebben hetgeen de facto en de jure de afbakening van de taalgrens als gevolg had; dus een bescherming van de ééntaligheid in Wallonië. Die taalgrens moest, zal en mocht maar in één richting ondoorlaatbaar zijn: VAN VLAANDEREN NAAR WALLONIË.

De omgekeerde beweging, het opschuiven van het Frans naar Vlaanderen werd wél bewust nagestreefd en georganiseerd (misbruik van de taalfaciliteiten). Nog onlangs stelde de Franstalige vice-premier, Joëlle Milquet, in alle ernst voor een territoriale corridor doorheen Vlaanderen te trekken, om Brussel met Wallonië te verbinden.

 De Francofonie blijft ongestraft de vrijheidsbeleving opeisen als een recht, terwijl de Vlaamse vraag naar een gelijkheid als dwang wordt afgedaan en daarbij straal alle arresten van de Raad van State en het Grondwettelijk Hof blijft negeren.

De eigen Francofone vrijheid wordt als democratie voorgesteld terwijl het Vlaamse streven naar gelijkheid intolerant en racistisch wordt.

Omtrent de taalkundige homogeniteit en integriteit van Vlaanderen, ook in de faciliteitengemeenten, kunnen geen compromissen gesloten worden. Wie zich in Vlaanderen uit vrije wil vestigt wordt geacht de taal en de cultuur te aanvaarden.

Dit principe wordt trouwens in Wallonië, ook vandaag nog, onverkort toegepast; honderdduizenden Vlamingen zijn om den brode naar het zuiden des lands getrokken zonder dat er ook maar sprake was van enige faciliteit, noch taalkundig, noch economisch.

Bij het vastleggen van de taalgrens werden aan de Franstaligen in zes gemeenten rond Brussel beperkte administratieve en individuele faciliteiten toegestaan die per definitie uitdovend zijn. Het is niet te verantwoorden dat voor alle nadien bijkomenden dezelfde voorkeurregeling gehandhaafd blijft.

Voor de goede orde vestig ik er uw aandacht op dat de compromisvoorstellen van 2005, die in de schoot van de federale regering werden onderhandeld, voor een halve splitsing (in feite 1/3de) van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde gelijk staan met politieke zelfmoord (zie de electorale gevolgen van het Egmont pakt voor wijlen de Volksunie).

Ik neem aan dat u niet bereid zal zijn de voorwaarden van de voormalige informateur inzake de splitsing van de kieskring te onderschrijven die hij bovendien nog in de grondwet wenst te verankeren:

  • garanties inzake de taalfaciliteiten
  • benoeming van de drie burgmeesters
  • de goedkeuring van het minderhedenverdrag
  • de oprichting van het Brussels Metropolitan Region
  • het in/uitschrijvingrecht voor de Franstalingen in de zes faciliteitengemeenten
  • een dubbele apparentering in Vlaams en Waals Brabant
  • geschillen in de randgemeenten worden door een tweetalige kamer van de Raad van State beslecht
  • het organiseren van een federale kieskring
  • een recurrente toekenning van 500.000.000 € aan het Brusselse gewest zonder enige verantwoording.

 Zelfs huidig Europees commissaris en gewezen minister Karel DE GUCHT stelt onomwonden dat de federale ministerraden diplomatieke conferenties geworden zijn; een duidelijkere omschrijving van een twee statenland kan niet worden gegeven.

 Ik kan mij tenslotte terugvinden in wat de Frankfurter Allgemeine schrijft, ik citeer:

 “Hat ein Staat, dessen französichsprachiger Teil sich von der Niederländisch sprechenden Bevölkerung gigantisch alimentieren lässt, aber deren Kultur und Historie ostentativ ignoriert, nicht seine Existenz verspielt?”.

  

Niet Vlaanderen, maar het Belgische nationalisme, blokkeert de werking van deze federale staat.

Wij moeten inderdaad het Francofoon-nationalistische pensée unique doorbreken.

 

Wij hebben inderdaad een mooi liberaal verhaal maar zijn vergeten om het toe te passen; voor zover het u mocht ontgaan zijn herinner ik u aan:

  • Ø de verkiezingen van 13 juni 2004 voor het Vlaams Parlement toen de V L D reeds 300.000 stemmen verloor
  •  Ø de gemeenteraadsverkiezingen van 8 oktober 2006 die de V L D  tientallen lokale mandaten (gemeenteraadsleden, schepenen en burgemeesters) gekost heeft
  •  Ø de provincieraadsverkiezingen van 8 oktober 2006 die de V L D een kwart van haar mandatarissen gekost heeft
  •  Ø de verkiezingen van 10 juni 2007 waarbij de V L D 219.778 stemmen (21,78 %) van haar electoraat verloor
  •  Ø een nieuwe aderlating bij de verkiezingen van 13 juni 2010 met een verlies van 225.572 stemmen als gevolg.

 Het laat zich dan ook aanvoelen dat bij de volgende verkiezingen de electorale aderlating andermaal niet zal gestopt worden omdat een heldere keuze voor Vlaanderen uitblijft.

 Naar mijn aanvoelen zijn de electorale nederlagen het gevolg van, enerzijds het negeren en miskennen van de basis door het inhuren van B V’s en overlopers en anderzijds het verlaten van het liberale gedachtegoed zoals vastgelegd door:

 De Beginselverklaring, goedgekeurd door het congres op 15 november 1992

  • de Fundamenten voor verandering, goedgekeurde resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent
  • de Novemberverklaring goedgekeurd door het congres op 16 november en 7 december 2002
  • Het Contract met de Burger, goedgekeurd door het V L D Congres op 29 maart 2003.

 De verkiezingen van 10 juni 2007 en 13 juni 2010 hebben tevens duidelijk aangetoond dat in Vlaanderen een ruime consensus bestaat die het huidig federale bestel als contraproductief ervaren. Hier en daar aan het systeem schaven is de beste weg naar een verderdurend débacle, waarbij Vlaanderen om de lieve vrede mag blijven betalen.

In zijn in 1992 gepubliceerde boek “De weg naar politieke vernieuwing” geeft toenmalig Kamerlid, Guy Verhofstadt, onder de hoofding “Denkend aan Vlaanderen” ondermeer het hiernavolgende standpunt over de staatshervorming.

 “België is op sterven na dood. Dat is het resultaat van tientallen communautaire en institutionele compromissen. Vooral de hervormingen van 1988 en 1989 hebben ons land onbestuurbaar gemaakt. De toestand die toen werd geschapen, waarbij drie gemeenschappen, drie gewesten en vier taalgebieden tot stand werden gebracht, is een onhoudbare constructie gebleken.

Een authentieke federale staat houdt in dat eerst maximale autonomie wordt toegekend aan het bestuursniveau dat het dichtst bij de burgers staat: de steden en gemeenten. Vervolgens aan de deelgebieden. Tenslotte aan de federale overheid.

Een authentieke federale staat tenslotte maakt elk van de deelgebieden bevoegd voor een goed afgebakend en welomlijnd grondgebied. In dat verband dringt zich de vraag op of in plaats van de elkaar overlappende gemeenschappen, gewesten en taalgebieden, we niet beter zouden streven naar vier duidelijk afgescheiden deelgebieden: Vlaanderen, Wallonië, Brussel-hoofdstad en het Duitstalige gebied, waarbij de faciliteiten definitief zouden verdwijnen.”

Anno 2011 is de kloof tussen Vlaanderen en Wallonië met de dag dieper geworden en wordt langzaam maar zeker onoverbrugbaar.

Wijsheid in de politiek is meestal de vrucht van pijnlijke ervaringen. Andere politieke partijen als oorzaak van het liberaal falen stigmatiseren, is de gemakkelijkheidsoplossing.

De oorzaken onderzoeken en er de gevolgen aan verbinden is duidelijk te hoog gegrepen, alhoewel die voor het grijpen liggen.

Door het verlaten van, wat u terecht een mooi Liberaal Verhaal noemt, zijn wij inderdaad in de verdrukking geraakt. Ik herinner hierbij aan:

  • Contract met de Burger. Goedgekeurd door het V L D Congres op 29 maart 2003

 

“De taalfaciliteiten die door CVP, SP, VU en Agalev in de grondwet werden beschermd met een bijzondere dubbele meerderheid, moeten worden afgebouwd. Aan het territorialiteitsbeginsel kan in geen enkel geval worden getornd.”

Fundamenten voor verandering. Goedgekeurde resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent

 

“De horizontale splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle- Vilvoorde blijft een prioriteit.”

  

  • Fundamenten voor verandering. Goedgekeurde resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent

 

“Vlaanderen en Wallonië hebben, zeker op het sociaal-economisch vlak, verschillende visies. Dit leidt tot immobilisme in de federale regering en tot communautaire ruzies. Vlaanderen van haar kant heeft onvoldoende hefbomen om een eigen economisch beleid te voeren. Zo moet Vlaanderen bijvoorbeeld greep krijgen op het loonkostenbeleid. Van een tewerkstellingsbeleid onder federale voogdij moet Vlaanderen evolueren naar een zelfstandig werkgelegenheidsbeleid. In het kader daarvan moeten de werkloosheidsvergoedingen in toenemende mate actief ingezet worden om nieuwe jobs te creëren.”

  

  • Fundamenten voor verandering. Goedgekeurde resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent

 

“De VLD wil een beter statuut voor Vlaanderen door de definitieve keuze voor een confederaal model. Het zwaartepunt komt bij de deelstaten te liggen die bepalen welke bevoegdheden ze aan het federale niveau laten. Het aantal bestuursniveaus moet verminderen. Vlaanderen moet minstens bevoegd worden voor de gezondheidszorgen, de kinderbijslagen, het tewerkstellingsbeleid en het mobiliteitsbeleid. Taalfaciliteiten moeten uitdoven. Elk bestuursniveau krijgt de volledige fiscale autonomie.”

 Wij kiezen voor een moderne federale staatsstructuur met homogene bevoegdheidspakketten op alle niveaus, waarbij de bevoegdheden van de federale overheid worden opgesomd en alle andere taken bij de deelgebieden worden gelegd, en dit binnen een ééngemaakt Europa. Naast de huidige bevoegdheden worden de deelgebieden bevoegd voor de personen en vennootschapsbelasting en krijgen ze alle bevoegdheden op het economisch vlak en op het vlak van de mobiliteit. In het kader van het gezins- en gezondheidsbeleid worden de gezinsbijslagen en gezondheidszorgen in ieder geval overgeheveld naar de gemeenschappen.

Zij heffen zelf de bijdragen om deze kostencompenserende sociale uitgaven te financieren.

 De volledige overheveling van het gezins- en gezondheidsbeleid naar de gemeenschappen moet in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gepaard gaan met een stipte naleving van de door de grondwet gewaarborgde tweetaligheid door alle overheidsinstellingen en met het invoeren van een correct tweetalig onthaal en een behoorlijke tweetalige dienstverlening in alle betoelaagde instellingen.

 

  •  Fundamenten voor verandering. Goedgekeurde resolutie door het Congres op 24, 25 en 26 april 1998 te Gent

  De splitsing van de kieskring.

 ”De horizontale splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle- Vilvoorde blijft een prioriteit.”

  •  Contract met de Burger. Goedgekeurd door het V L D Congres op 29 maart 2003

 Het afschaffen van de taalfaciliteiten.

   “De taalfaciliteiten die door CVP, SP, VU en Agalev in de grondwet werden beschermd met een bijzondere dubbele meerderheid, moeten worden afgebouwd. Aan het territorialiteitsbeginsel kan in geen enkel geval worden getornd.”

  

  • Aan de gezamenlijke verklaring van 13 mei 2004.

 Uitdrukkelijk werd overeengekomen:

 

De partijvoorzitters engageren zich uitdrukkelijk:

  • Dat de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde op de federale politieke agenda wordt gezet. De bespreking moet leiden tot de toepassing van de grondwet en de uitvoering van het arrest van het Arbitragehof en dit door de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde. Vlaanderen dient hiervoor geen prijs te betalen.

 

  • Dat, indien dit niet onmiddellijk wordt gerealiseerd, hun fracties in Kamer en Senaat de door hen ingediende voorstellen over de splitsing van de kieskring onverwijld zullen goedkeuren.

 

  • Dat hun ministers in de Vlaamse en federale regering in geen geval medewerking zullen verlenen, aan welke tuchtmaatregel dan ook, tegen de leden van de colleges van burgemeester en schepenen op basis van ambtsdaden die zij stellen in het kader van hun acties voor de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde.

 

Graag ben ik bereid hieromtrent van gedachten te wisselen. Ik kijk met spanning uit naar uw voorstel.

Met vriendelijke maar vastberaden Vlaams liberale groeten,

Willy DE WAELE

                             Burgemeester



OPEN BRIEF AAN DE GOOIKSE CD&V VOORZITTER
maandag 7 februari 2011, 18:06
Gearchiveerd onder: LENNIK

maandag 7 februari 2011

 

De heer Frank Ruttens

voorzitter van de CD&V afdeling Gooik

 

 

Geachte heer voorzitter,

 

Ter gelegenheid van de nieuwjaarsreceptie van de plaatselijke CD&V afdeling vond u het nodig het Lenniks gemeentebestuur platte demagogie in de schoenen te schuiven; zie onderstaand uittreksel uit uw toespraak (webstek CD&V Gooik):

We mogen trouwens fier zijn dat we dit jaar ook een sluitende begroting kunnen indienen zonder dat aan de Gooikenaars gevraagd moest worden extra bij te dragen. Ja Lennik, we zijn fier dat we dankzij een zuinig en bewust beleid, onze belastingen op 7% kunnen houden.

Wij betalen wat we moeten betalen voor de brandweer en het voorstellen alsof wij onze beloften niet nakomen is laag bij de grond en platte demagogie. Zoek de problemen steeds eerst bij jezelf, wij proberen dit ook elke dag opnieuw.

Lennik heeft inderdaad met een gemotiveerd aangetekend schrijven aan de Gooikse burgemeester voorgesteld de kosten van de brandweer mede te financieren (250.000 €); deze brief bleef tot op heden formeel onbeantwoord. Zelfs ontvangst melden behoort niet tot de geplogenheden van de Gooikse burgmeester.

Voor de goede orde: Lennik heeft nooit beweerd dat het Gooikse gemeentebestuur de wettelijke verplichtingen inzake de brandweer niet nakomt. Tussen de achterhaalde wettelijke verplichtingen om mede in te staan voor de veiligheid van de eigen bevolking enerzijds, en de morele verantwoordelijkheid en de billijkheid anderzijds, gaapt een immense afgrond.

Het brandweerkorps van Lennik staat inderdaad, als centrumgemeente, in voor de brandweer- en ziekenwagendiensten voor de beschermde gemeente Gooik (zoals voor Roosdaal trouwens).

Met zijn brief van 27 januari 2011 erkent de gouverneur van Vlaams-Brabant deze problematiek, ik citeer:

Het is duidelijk dat deze situatie voor de centrumgemeenten een serieuze aderlating betekent. Sommige burgemeesters geven zelfs duidelijk te kennen dat zij in liquiditeitproblemen zullen komen, indien er niet gauw een oplossing wordt gevonden.

Voor het dienstjaar 2011 voorziet Lennik voor de brandweer- en ziekenwagendiensten een uitgave van 783.690 € (90,94 € per inwoner); Gooik voorziet 175.000 € (19,61 € per inwoner). De budgettaire handicap van Lennik tegenover Gooik bedraagt 618.649 €; precies de waarde van anderhalf procent aanvullende personenbelasting. Bovenop verliest mijn gemeente een investeringscapaciteit van 8.480.000 €.

In 2010 betaalde de Lennikse belastingsbetaler 1.582,59 € (566 tussenkomsten) per tussenkomst van de brandweerdiensten; voor dezelfde dienstverlening betaalt de Gooikse belastingbetaler 350,88 (456 tussenkomsten).

Het is trouwens een fabeltje dat Gooik niet kan instaan om mede kosten van de veiligheid van de eigen inwoners te financieren gezien het CD&V gemeentebestuur voor het dienstjaar 2011 een krediet van 627.630 € voor niet verplichte uitgaven ingeschreven heeft.

Indien u enig inzicht had in de Gooikse begroting dan zou u beseffen dat deze uitgaven enkel kunnen gefinancierd worden omdat uw gemeentebestuur de kosten van de brandweer- en ziekenwagendiensten voor 80 % ten laste van mijn gemeente legt.

Teneinde de operationele slagkracht van de brandweerdiensten op pijl te houden zijn de financiële inspanningen, die Lennik op zich neemt, van levensbelang voor de veiligheid, ook voor de inwoners van uw gemeente.

De financiële draagkracht van mijn gemeente heeft echter de grens van haar mogelijkheden bereikt en zal op zeer korte termijn niet meer kunnen instaan om deze dienstverlening verder te kunnen financieren.

Durft u het aan uw bevolking te informeren omtrent de gevolgen voor hun have en goed?

Gezien de “collegiale” houding van het Gooikse CD&V gemeentebestuur is Lennik genoodzaakt 8,5 % aanvullende personenbelastingen te vragen om de gewone dienstverlening te kunnen financieren, investeringen uitgezonderd.

De Lennikse Christen-democraten zullen bijzonder opgetogen zijn te vernemen dat zij anderhalf procent meer aanvullende personenbelastingen betalen om hun Gooikse geestesgenoten te ontslaan van de kosten van de brandweer- en ziekenwagendiensten.

Voor de CD&V Gooik is populisme belangrijker dan investeren in de veiligheid van de eigen inwoners.

Wie is hier laag bij de grond en wie gaat zich te buiten aan platte demagogie?

Door te weigeren een bijkomend deel van de kosten van de brandweer- en ziekenwagendiensten te dragen hypothekeert de CD&V van Gooik deze dienstverlening en brengt de veiligheid van have en goed van niet alleen de eigen inwoners maar van alle beschermde gemeenten (Bever, Galmaarden, Lennik, Gooik, Roosdaal en Herne), in gevaar.

Het Gooikse gemeentebestuur en de Gooikse CD&V dragen hieromtrent tegenover hun bevolking en deze van het beschermde gemeenten een verpletterende verantwoordelijkheid.

Tijdens het begrotingsdebat hebben de Gooikse liberale gemeenteraadsleden tevergeefs de aandacht op deze problematiek gevestigd; de CD&V meerderheid had er geen oren naar.

Heel anders is het gesteld met de CD&V collega’s van Bever, Galmaarden en Herne die samen 2.000.000 € investeren in een nieuwe brandweerkazerne om de veiligheid van hun inwoners te waarborgen. De personeels- en werkingskosten worden door Lennik gedragen.

Op het einde van uw toespraak stelt u, ik citeer:

“Omdat Mensen Belangrijk zijn” is ook vandaag nog de beste verwoording waar CD&V voor staat.”

 ”Als die Mensen Belangrijk zijn, waarom dan niet voor hun veiligheid instaan?”

Luister naar mijn woorden, maar zie niet naar mijn daden, heeft aan actualiteit niets ingeboet.

Gezien deze kwetsende en niet onderbouwde uitlatingen daag ik u uit tot een publiek debat omtrent de begroting van uw gemeente en de financiering van de brandweer- en ziekenwagendiensten.

 Met bijzondere hoogachting,

 Willy DE WAELE

Burgemeester

 



KONINKLIJKE OPDRACHTHOUDER
maandag 5 april 2010, 17:20
Gearchiveerd onder: BRUSSEL - HALLE- VILVOORDE

zondag 4 april 2010

            OPEN BRIEF

De heer Jean-Luc DEHAENE

Koninklijk Opdrachthouder.

_____________________________

Geachte heer,

Voor zover nodig vestig ik uw aandacht op de grondwettelijke indeling van de federale staat in gewesten, gemeenschappen en taalgebieden die territoriaal afgebakend zijn (de eerste 5 artikelen van de grondwet) en op het arrest nummer 73/2003 van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003 (schending van de artikelen 10 en 11 van de grondwet).

De kieskring B H V, zoals georganiseerd voor de wet van 13 december 2002, staat haaks op deze grondwettelijke indeling.

De oplossing ligt nochtans voor de hand en is kristalhelder: de Kamer van Volksvertegenwoordigers keurt de wet goed die reeds op 7 november 2007 door de Kamercommissie goedgestemd is.

Iedere andere benadering is strijdig met de fundamentele beginselen van een democratisch geordende rechtsstaat; een meerderheid beslist en de minderheid dient zich daar bij neer te leggen.

Indien de Franstaligen zich er niet kunnen bij neerleggen, en na het circus van de belangenconflicten, beroep doen op de alarmbelprocedure zullen zij, en zij alleen verantwoordelijk zijn voor de gevolgen ervan.

Wat deze procedure betreft vestig ik er de aandacht op dat deze enkel kan worden ingeroepen indien ¾ van een taalgroep zich benadeelt acht. Ik daag de Franstaligen uit aan te tonen op welke wijze zij zouden benadeeld worden bij de splitsing van de kieskring; geen enkel recht wordt hen ontnomen.

Er wordt enkel een einde gesteld aan de voorrechten voor de Franstalingen in de Vlaamse rand, die zich weigeren te integreren en de taal en de cultuur te aanvaarden van de woonplaats die zij vrij gekozen hebben.

Uw opdracht is in dit kader dan ook zonder voorwerp omdat deze enkel kan en zal leiden tot “oplossingen” die de homogeniteit en integriteit van het Vlaams grondgebied en van het Nederlandstalige karakter van de Vlaams-Brabantse gemeenten zullen blijven bedreigen en de kiem in zich dragen van nieuwe conflicten.

Uw opdracht is het tastbare bewijs dat een rechtmatige en redelijke politieke doelstelling niet meer met respect voor de grondwet in een democratisch georganiseerde samenleving kan gerealiseerd worden.

Uw opdracht betekent dat de overheid de grondwet negeert en de eigen rechtsregels en het arrest van het Grondwettelijk Hof niet hoeft te respecteren om de voorrechten van een Franstalige kaste te behoeden en zelfs uit te breiden. Mag dit “systeem” dan nog verwachten dat burgers en de ondergeschikte besturen er zich bij neerleggen. Burgers hebben rechten en plichten, maar dat geldt ook voor de overheid.

Ten slotte vestig ik uw aandacht op een tekst van de hoofdredacteur van Le Soir in De Morgen van 26 maart 2010, ik citeer: “een democratie vereist dat alle leden van samenleving volgens dezelfde principes en wetten behandeld worden”, einde citaat.

Met deze terechte vaststelling voor ogen kan ik u, Koninklijke opdrachthouder, maar één raad geven: geef deze nutteloze opdracht terug aan het staatshoofd en nodig de Kamer van Volksvertegenwoordigers uit het voorliggende wetsvoorstel onverwijld goed te keuren.

Deze brief maak ik ter informatie over aan de Vlaamse federale volksvertegenwoordigers en aan de voorzitters van de Vlaams partijen.

Hoogachtend

 Willy DE WAELE

                        Burgemeester



Informatienota ter attentie van mevrouw A. TURTELBOOM, federaal minister van Binnenlandse Zaken ter gelegenheid van haar bezoek aan de politiezone Pajottenland.
dinsdag 16 februari 2010, 19:46
Gearchiveerd onder: Uncategorized

I. POLITIE

 

A. Financiering

 

 Tot het dienstjaar 2010, mits een reeks besparingen, is de begroting 2010 met het overschot van de vorige dienstjaren in evenwicht kunnen neergelegd worden.

 Bij gelijkblijvende politiek en de verdere blokkering van de federale toelage is dit van 2011 niet meer haalbaar. Bij deze is geen rekening gehouden met de bouw van de broodnodige nieuwe politiepost.

 Bij het opstellen van de begroting voor het dienstjaar 2010 werd uitgegaan van het volgende:

  •  De personeelskosten stijgen met 6,32 % ten overstaan van de begroting 2009. De gemiddelde stijging van de personeelskosten van 2002 tot 2008 (rekeningen) is gelijk aan 8,52 %. In strijd met het analiteitsbeginsel worden de lonen van december 2009 ingeschreven in de rubriek vorige dienstjaren.
  •  De werkingskosten dalen met 10,91 % ten overstaan van de begroting 2009. De gemiddelde stijging van de werkingskosten van 2002 tot 2008 (rekeningen) is gelijk aan 7,19 %;
  •  De overdracht en schulduitgaven, respectievelijk 0,10 % en 1,39 %, zijn niet van aard om het begrotingsresultaat grondig te beïnvloeden;

  

 

  • Langs de ontvangstenzijde dalen de federale toelagen met 24.264,38 € (- 1,05 %). De gemiddelde stijging van de overdrachtuitgaven van 2002 tot 2008 (rekeningen) is gelijk aan 6,28 %;
  • Ter compensatie en teneinde het begrotingsevenwicht te realiseren werd de lokale toelage met 3 % verhoogd;
  •  De prestatie en schuldontvansten, respectievelijk 0,05 % en 0,13 %, zijn niet van aard om het begrotingsresultaat grondig te beïnvloeden;

  

  

De begroting 2010 heeft in eigen dienstjaar een 9.092,58 € en sluit af met een 0,00 € saldo door het inbrengen van de reserves van vorige dienstjaren. Deze reserves zijn begrotingsmatig niet meer voorhanden.

Rekening houdend met:

  •  een stijging van de personeelskosten van 3 %;
  • een stijging van de werkingskosten met 1,5 %;
  • een stijging van de federale toelage met 1,5 %;
  • een stijging van de gemeentelijke toelage van 2 %

Is de begroting voor 2010 de laatste die sluitend neergelegd kan worden; van 2011 af blijven het eigen dienstjaar, de eigen en vorige dienstjaren en het begrotingsresultaat negatief.

 

 

 

 

 

Het laat zich aandienen dat, gezien de federale begrotingsmoeilijkheden, de lokale besturen zullen moeten instaan om een groter deel de volgende begrotingen van de zone te financieren.

Deze bijkomende financiële inspanningen zullen te koste gaan van afremmen van de lokale initiatieven (gewone uitgaven en investeringen) en een verhoging van de lokale belastingen.

Onderstaande grafieken toont duidelijk aan dat de lokale besturen hun financieringsinspanning na de invoegetreding van de politiehervorming verdubbeld hebben.

 

B. Verkeersboetefonds

 

 Het Vlaams gewest heeft overduidelijk gekozen de wegen uit te rusten met snelheidscamera’s voor het afdwingen van de snelheidsbeperkingen; het Waalse en het Brusselse gewest zijn minder assertief. De verdeling van de opbrengst van het verkeersboetefonds houdt evenwel geen rekening met de inspanning van het Vlaams gewest.

 

 

De Vlaams politiezones verliezen van 2004 af:

  • 2004: 15.000.000 €
  • 2005: 21.000.000 €
  • 2006: 29.000.000 €
  • 2007: 31.000.000 €
  • 2008: 26.000.000 €
  • 2009: 31.000.000 €

Deze objectief niet te verantwoorden transfers naar het Waalse en Brusselse gewest worden door de Vlaams lokale besturen gecompenseerd met een hogere toelage aan de politiezones. Deze bijkomende Vlaamse inspanning heeft voor gevolg dat lokale initiatieven niet meer kunnen gefinancierd worden zonder belastingverhoging.

 

C. Conclusie 

 

De financiering van de politiezones heeft een zware hypotheek gelegd op de lokale middelen die genoodzaakt zijn de eigen initiatieven af te bouwen en/of de belastingen te verhogen.

De lokale besturen sparen in de eerste plaats op de investeringen, hetgeen een nadelige invloed heeft op de tewerkstelling, en een verloedering van het patrimonium tot gevolg heeft.

De federale overheid blijft haar budgettaire problemen naar de lokale besturen doorschuiven en kan niet meer instaan voor de financiering van de primaire veiligheidopdracht.

De niet te verantwoorden verdeling tussen de gewesten van de middelen van het verkeersveiligheidfonds benadelen de Vlaamse politiezones en de lasten ervan worden naar de lokale besturen doorgeschoven.

Een billijke verdeling gebaseerd op de plaats van de overtreding – de ontvangsten kunnen perfect gelokaliseerd worden – heeft voor de federale overheid geen enkel budgettair nadeel.

Het is onverklaarbaar en onaanvaardbaar dat Vlaamse federale ministers en Vlaamse federale parlementsleden dit niet kunnen rechtzetten.

 

 II. BRANDWEER 

 

A. Vaststellingen

 

De gasramp van Gellingen is de directe aanzet geweest tot de heropflakkering van de discussie rond de zo noodzakelijke hervorming van de brandweer. Het resultaat is de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid. Een belangrijk principe in deze wet is de schaalvergroting door het samenbrengen van de huidige brandweerdiensten in grote brandweerzones met rechtspersoonlijkheid. Onder het gezag van een centraal commando zou dit leiden tot een betere samenwerking van de korpsen. Dit als gevolg van een eenvormige opleiding, op elkaar afgestemde werkprocedures, een identiek personeelsbeleid…

In haar toespraak op de ‘Dag van de Brandweer’ op zaterdag 17 oktober te Bilzen, kondigde de Minister van Binnenlandse Zaken, aan niet over de nodige budgetten te beschikken om de brandweerhervorming uit te voeren.

Ingevolge de financiële crisis heeft de federale regering de brandweerhervorming voor zo goed als onbepaalde tijd uitgesteld: m.a.w. de federale overheid heeft geen financiële middelen om één van haar primaire opdrachten te financieren: DE VEILIGHEID VAN HAAR BURGERS.

Nochtans, zijn amper 8 maanden geleden de task forces opgericht met als doel de overgang naar een grotere structuur voor te bereiden. Volgens de ministeriële omzendbrief van 11 maart 2009 betreffende de task forces, dienden de voorbereidingen te zijn afgerond tegen 31 december 2009. Om de werking van de task forces te financieren werd een budget van 10 miljoen euro uitgetrokken. Al dit voorbereidend werk wordt niet gewaardeerd indien de hervorming niet wordt uitgevoerd.

Belangrijker nog is dat door het uitstellen van de hervorming de schaalvergroting en de herfinanciering niet kan worden gerealiseerd. Deze is nochtans noodzakelijk om op een eenvormige wijze een kwaliteitsverbetering tot stand te brengen die zal leiden tot een gelijkwaardige bescherming van alle burgers.

 De uitvoeringsbesluiten van de wet van 31 december 1963, houdende organisatie van de Civiele Veiligheid, werden pas op 8 november 1967 getroffen.

Dit kon pas na de brand in de Innovation in de zomer 1967 met meer dan 300 dodelijke slachtoffers en de verkeersramp te Martelange met 26 dodelijke slachtoffers.

Na de ramp te Gellingen in 2004, met 26 dodelijke slachtoffers, werd de wet van 15 mei 2007, houdende organisatie van de Civiele bescherming, goedgekeurd. Ook nu worden de uitvoeringsbesluiten op de lange baan geschoven.

Zonder alternatieve financiering, en dit geldt zowel voor de brandweer en de politiediensten, is dit voor Lennik, zonder bijkomende middelen – extern of intern – onhoudbaar.

Ter informatie en volledigheidshalve deel ik mede dat de begroting 2009 de volgende kredieten voorziet

 

  • Voor de politie: 688.017,25 € uitgaven;
  • Voor de brandweer: 1.508.537,37 € uitgaven;
  • Voor de brandweer: 642.080,56 € ontvangsten:
  • Saldo brandweer lastens Lennik: 866.456,88  €
  • Totale kosten van de veiligheidsdiensten: 1.554.474,11 € (62.707.245 – fr.)

 

Deze kredieten vertegenwoordigen 13,02 % van de uitgaven en 14,56 % van de ontvangsten.

Hierbij aansluitend meld ik dat de begroting voor het dienstjaar 2010 van de politiezone maar een relatieve houdbaarheid voor zes maand heeft.

Voor de financiering van de brandweer staan wij voor dezelfde uitdaging.

Het grote verschil met de politie, en dan nog relatief, is dat hier onmiddellijk mensenlevens bedreigd worden, zowel wat de brandweerdiensten (brand en verkeersongevallen) en de ziekenwagen (dringend zieken- en gewondenvervoer) betreft.

De wet van 15 mei 2007, houdende hervorming van de Civiele Veiligheid, voorziet in:

 

  • De opdeling van het grondgebied in brandweerzones;
  • Een uniform personeelsstatuut;
  • Een verdeling van de kosten: 50 % lastens de federale overheid, 50 % lastens de lokale besturen (nu is de verhouding 10 %lastens de federale overheid en 90 % lastens de lokale besturen)

 

Door het uitstellen van de uitvoering van de wet van 15 mei 2007 verzaakt de federale overheid haar kerntaak: de veiligheid van haar burgers financieel, materieel en organisatorisch te ondersteunen.

Bovendien blijft federale overheid de kosten van de civiele veiligheid doorschuiven naar de lokale besturen; deze zullen op zeer korte termijn, bij gebrek aan middelen, steeds moeilijker kunnen instaan voor de veiligheid van de burgers.

Door de steeds maar hogere eisen van de samenleving aan de brandweer neemt de werkdruk toe en groeit de nood aan kennis, deskundigheid, een doorgedreven opleiding en continue vorming van het brandweerpersoneel – beroeps en vrijwilligers.

Ondanks de gedegen opleiding van de vrijwilligers neemt hun beschikbaarheid tijdens de dag-, weekend- en nachturen af; het Lennikse brandweerkorps heeft onvoldoende beroepskrachten in dienst om dat op te vangen.

Deze vaststelling doet niets af van de bereidwilligheid van de vrijwilligers; de diensten voor de brandweer presteren zij tenslotte voor en na hun reguliere dagtaak.

De gemeente Lennik (gegevens van de gemeenterekening 2008) ontvangt prestatie- en overdrachtontvangsten voor de financiering van het brandweerkorps. De prestatieontvangsten betreffen de kosten van dienstverlening die door het korps gefactureerd wordt, o.a. het verdelgen van wespen, het opruimen van de openbare weg en de diensten van het vervoer met de ziekenwagen.

De overdrachtontvangsten betreffen de terugbetaling via het Provinciaal Omslagfonds dat door de gouverneur van Vlaams-Brabant beheerd wordt. Deze ontvangsten hebben betrekking op de verdeling tussen de centrumgemeenten (gemeenten die een brandweerkorps beheren) van de bijdragen van de beschermde gemeenten.

De gemeente Lennik kan met deze ontvangsten (gegevens van de gemeenterekening 2008) de personeels- werkingskosten onvoldoende financieren en moet om eigen middelen beroep doen.

Het Lenniks brandweerkorps is eveneens verantwoordelijk voor de gemeenten ROOSDAAL en GOOIK; deze gemeenten storten een bijdrage in het Provincieaal Omslagfonds die dan tussen de centrumgemeenten verdeeld wordt.

De bijdrage aan het Provinciaal Omslagfonds van de beschermde gemeenten (gegevens van de gemeenterekening 2008):

  • Gooik: 160.000,00 € of 17,92 € per inwoner

  • Roosdaal: 151.509,00 € of 13,86 € per inwoner

  • Lennik: 752.500,47 € of 83,14 € inwoner

Binnen de huidige budgettaire mogelijkheden van de gemeente Lennik kan de brandweerzorg niet meer behoorlijk gefinancierd worden en zal op zeer korte termijn de slagkracht er onder lijden.

Het Lennikse brandweerkorps kampt met een gebrek aan personeel (beroeps en vrijwilligers), materiaal (geen financieringsmogelijkheid om oude brandweervoertuigen te vervangen), en een onaangepaste huisvesting (kazerne afgekeurd).

Voor het vervangen van de brandweervoertuigen staat de federale overheid in voor ¾ van de kosten. Door de aankoop van de broodnoodzakelijke ladderwagen zijn de kredieten voor Lennik opgebruikt en kan pas over 8 jaar een nieuwe brandweerwagen lastens de federale overheid aangekocht worden.

De veiligheidsdiensten zullen hoe dan ook moeten gefinancierd blijven; probleem is de burger er van te overtuigen dat bijkomende middelen noodzakelijk zijn om deze diensten dusdanig te organiseren dat er op ieder ogenblik van de dag en de nacht voldoende mensen en middelen aanwezig zijn om de veiligheid van zijn/haar have en goed te beschermen en om het korps dusdanig uit te rusten zodat ook de veiligheid van de medewerkers niet in het gedrang komt.

Tenslotte wens ik er de aandacht op te vestigen dat ik strafrechtelijk en burgerrechtelijke verantwoordelijk kan gesteld worden indien kan aangetoond worden dat het gemeentebestuur in het algemeen en ikzelf in het bijzonder onvoldoende maatregelen genomen hebben om uw veiligheid te verzekeren.

Ter informatie en volledigheidshalve deel ik u mede dat de burgemeester en de gemeentesecretaris van Ath voor de correctionele rechtbank terecht staan in verband met de ramp te Gellingen.

 

 

B. Conclusie

 

Het uitstellen van de uitvoering van de wet van 15 mei 2007 hypothekeert niet alleen de goede werking van de brandweerdienst maar bezwaart ook de lokale financiën door het door het uistellen van de 50/50 kostendeling.

De minister van Binnenlandse Zaken heeft een alternatief actieplan opgesteld. Deze werkwijze heeft evenwel voor gevolg dat de kosten, die gepaard gaan met de uitvoering ervan, afgewenteld worden op de lokale besturen. Deze kunnen, gezien hun krimpende financiële mogelijkheden en de gevolgen van de huidige economische toestand, de nodige budgetten niet blijven vrij te maken om de bescherming van de burgers optimaal te kunnen garanderen.

De snelste adequate hulpverlening heeft op het terrein voor gevolg dat twee, soms drie korpsen worden opgeroepen en aanwezig zijn op de plaats van de ramp.

De financiering door het Provinciaal Omslagfonds benadeelt de centrumgemeenten en is op zeer korte termijn onhoudbaar.  De uitvoering van de wet van 15 mei 2007 had dit euvel perfect kunnen opvangen door een groter fiscaal draagvlak te creëren en het verdelen van de lasten in functie van de risico’s.

Willy DE WAELE

Burgemeester



BELANGENCONFLICT
zondag 29 november 2009, 18:37
Gearchiveerd onder: BRUSSEL - HALLE- VILVOORDE

zaterdag 14 november 2009

            OPEN BRIEF

De heer Karl-Heinz LAMBERTZ

Minister-president van de Duitse Gemeenschap

Koningsstraat, 180

 

1000               BRUSSEL

Geachte heer Minister-president,

U was zo vriendelijke op 9 oktober 2009 een delegatie van de Conferentie van de Burgemeesters van Halle-Vilvoorde te ontvangen.

Duidelijk hebt u toen gesteld dat de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde niet het probleem is van de Duitse Gemeenschap is en dat u onze analyse deelt:

  • Aanpassing van de kieswetgeving aan de grondwettelijke indeling van de federale staat in gewesten, gemeenschappen en taalgebieden die territoriaal afgebakend zijn;
  • De uitvoering van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003; dit arrest stelt dat de regeling ingevoerd door de wet(ten) van 13 december 2002 tot wijziging van het kieswetboek en bijlage, waardoor overal in het land provinciale kieskringen zijn ingesteld, met uitzondering van de provincie Vlaams-Brabant, onmiskenbaar strijdig is met deze grondwettelijke indeling van het land en een discriminatie inhoudt tegenover de kandidaten en kiezers van de provincie Vlaams-Brabant en van het Nederlands taalgebied;
  • Geen compensatie voor het rechttrekken van deze ongrondwettelijke toestand;

U hebt toen stellig beloofd dat u niet zou ingaan op het verzoek tot inroepen van een belangenconflict door één taalgemeenschap; ik citeer u letterlijk: “indien niemand ons iets vraagt zullen wij niets doen”, einde citaat.

Volgens de grondwettelijke bepalingen kan het belangenconflict ingeroepen worden wanneer de uitoefening van bevoegdheden schade kan berokkenen aan de federale overheid of de gewesten en gemeenschappen.

Tot op heden is het belang door het Franse Gemeenschap niet aangetoond; trouwens bij een gesplitste kieskring wordt aan de Franstaligen in Halle-Vilvoorde geen enkel recht afgenomen; zij kunnen perfect blijven stemmen voor Franstalige kandidaten.

Voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement is een kandidaat (Christian VAN EYCKEN) van de Union des Francofones in Vlaams Brabant verkozen.

Indien u niet kan aanvaarden dat omtrent de politieke, administratieve en territoriale homogeniteit en integriteit van Vlaanderen niet kan onderhandeld worden dan moeten u  beseffen dat u de fundamenten van het Belgisch federaal model onderuit haalt, aansturen op een regeringscrisis, en er de gevolgen van ondergaan.

Het naleven van de Grondwet en het afdwingen van naleving ervan en de uitvoering van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003 behoren tot de meest fundamentele plichten in een rechtsstaat. Daarover kan niet worden onderhandeld tenzij u het bestaan van de rechtsstaat in vraag stelt. Door de Franstaligen steeds ter wille te zijn versnelt u enkel de ontbinding van het Belgische federale staatsverband.

Wij vragen trouwens dezelfde regeling die voor de Duitse Gemeenschap van toepassing is voor de Europese verkiezingen; hoewel alle gemeenten van het Duitse taalgebied faciliteiten hebben ten voordele van de Franstaligen, is er een Duits kiescollege met als territorium het Duits taalgebied. De Franstaligen leggen geen  lijsten neer in het Duitse taalgebied voor de Europese verkiezingen.

Via de media verneem ik dat u door het inroepen van het belangenconflict voor deze goede diensten als volgt beloond werd:

  • het Waalse gewest zal inzake ruimtelijke ordening bevoegdheden afstaan aan uw regering;
  • voor stad Eupen zal tegen 2018 een voetbalstadium met een capaciteit van 12.000 toeschouwers gefinancierd worden;

In aansluiting met ons onderhoud van vrijdag 9 oktober 2009 verneem ik dan graag:

  • conform uw engagement op 9 oktober 2009 verneem ik graag wie u gevraagd heeft, zowel van Franstalige als van Vlaamse zijde, een belangenconflict in te roepen;
  • Is de compensatie, hoger vermeld, correct weergegeven;

Ik twijfel er niet aan dat u, een man van zijn woord, mij zeer spoedig en omstandig een antwoord zult geven.

Met bijzondere hoogachting,

Willy DE WAELE

                        Burgemeester



DEMOCRATIE
zondag 29 november 2009, 18:13
Gearchiveerd onder: BRUSSEL - HALLE- VILVOORDE, Uncategorized

zondag 29 november 2009

             OPEN BRIEF

De heer Philippe MOUREAUX

Minister van Staat

Senator-Burgemeester

Scheutboslaan, 24/7

 1080               BRUSSEL

 

 Geachte Collega,

Met zeer veel eerbied voor uw titels en verdiensten veroorloof ik het mij u als collega aan te schrijven

In De Morgen van zaterdag 28 november 2009 stelt u, ik citeer:

“Zonder een akkoord over B H V komen wij terecht in een periode van hevige politieke turbulentie. Als de regering het probleem niet oplost haalt zij het einde van de legislatuur niet. Zonder akkoord over B H V valt Leterme II”, einde citaat.

Even voordien liet u in Le Soir opnemen, ik citeer:

 “Op een op andere mannier zal B H V op een dag gesplitst moeten worden, maar voor de Franstalingen zullen er garanties en grote toegevingen van Nederlandstalige kant moeten tegenover staan”, einde citaat.

Uw partijvoorzitter doet er nog een schepje bovenop door te verkondigen dat de splitsing van B H V het einde van het Belgische staatsverband voor gevolg zal hebben.

Nochtans ligt de oplossing binnen handbereik. Stop met de belangenprocedures en laat de Kamer van Volksvertegenwoordigers de splitsing goedkeuren; dit biedt op zich enige aardige voordelen:

Het Belgische staatsverband overleeft en wordt een turbulentie bespaard – toch één van de zorgen van de P S – en de Franstalingen kunnen zich probleemloos verder laven aan de Vlaamse gulheid;

  • De regering Leterme II kan ongestoort verder regeren tot medio 2011 en zich volledig concentreren op het rechttrekken van de voluntaristische begroting die met rustige vastheid opgesteld is;
  • De Grondwet wordt gerespecteerd; voor een staatsman van uw formaat moet dat toch een grote voldoening inhouden;
  • Het arrest van het Grondwettelijk Hof wordt nagekomen en de rechtsstaat wordt geëerbiedigd; andermaal een hoogtepunt voor een doordesemd democraat;
  • De Franstalingen wordt geen enkel recht ontnomen en kunnen verder in Vlaams Brabant probleemloos lijsten neerleggen en verkozen worden; 
  • De stemming over de splitsing van de kieskring en van het gerechtelijke arrondissement door de volksvertegenwoordiging zal u zonder twijfel als een democratisch hoogtepunt waarderen – meerderheid tegen minderheid. Voor uw politieke formatie en voor uzelf, die de democratische besluitvorming hoog in het vaandel voeren, zal dit ongetwijfeld als een hoogdag in uw annalen geboekstaafd blijven;

 Het zou onbegrijpelijk zijn dat u dergelijke voordelen uit uw handen laat glippen om de voorrechten van een handvol Franstalingen in de Vlaamse rand rond Brussel, die zich uit vrij wil in Vlaanderen gevestigd hebben en weigeren zich aan te passen, te verdedigen.

 Bovendien lijkt met mij onwaarschijnlijk dat u als eminent socialist zult kunnen uitleggen dat u meer belang hecht aan het bestendigen en uitbreiden van de voorrechten van een handvol Franstaligen in de Vlaamse rand dan u te bekommeren omtrent het welzijn en de welvaart van uw Franstalige lotgenoten.

 Ik twijfel er niet aan dat u zeer spoedig zult inzien dat de beste oplossing voor de pacificatie in deze federale staat er in bestaat de splitsing van de kieskring B H V en van het gerechtelijke arrondissement te laten goedkeuren door de Volksvertegenwoordiging.

 Ik hoop u hieromtrent spoedig te lezen.

 Met bijzondere hoogachting,

 

Willy DE WAELE

                        Burgemeester



woensdag 16 september 2009, 17:04
Gearchiveerd onder: BRUSSEL - HALLE- VILVOORDE, Uncategorized

maandag 14 september 2009

 

 

De heer Elio DI RUPO

Voorzitter van de Parti Socialiste

Keizerslaan 13

1000               BRUSSEL

                                                                           

Geachte,

 Betreft: uw interview in De Standaard van maandag 14 september 2009.

Met verbazing, of toch niet, lees ik vandaag in De Standaard, ik citeer: “Als de Vlamingen B H V éénzijdig goedkeuren storten ze dit land in een avontuur”, einde citaat.

In uw francofone verblindheid verwart nog altijd democratie met het uitoefenen van voorrechten door een minderheid. Democratie betekent nog altijd dat een democratisch gekozen meerderheid, via een eenvoudige meerderheid – de helft + 1 – wetten goedkeurt; en dat die wetten door de beleidsvoerders worden uitgevoerd.

Onderhandelen daaromtrent is de inhoud en de betekenis van het begrip democratie onder uit halen en de minderheid toelaten haar wil op te dringen: dit wordt een dictatuur genoemd.

Misschien is het u ontgaan, maar op 7 november 2007 heeft de federale Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde goedgekeurd. Sindsdien blokkeren de Franstalingen de verdere besluitvorming door het inroepen van belangenconflicten; tot op heden echter hebben zij nagelaten aan te duiden over welke belangen het gaat. Tenzij het verdedigen van de voorrechten van de Franstalige bourgeoisie in de Vlaamse rand rond Brussel een kerntaak is voor een socialist.

Nochtans, en dat zou u ook moeten bekend zijn, is de federale staat samengesteld is uit gemeenschappen (de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap) en gewesten ( het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Gewest) – de artikelen 1, 2 en 3 van de Grondwet.

De federale staat ingedeeld is in 4 taalgebieden: het Nederlandse taalgebied, het Franse taalgebied, het tweetalige gebied Brussel-hoofdstad en het Duitse taalgebied – artikel 4 van de grondwet. Elke gemeente van het Rijk maakt deel uit van één van deze taalgebieden.

De regeling ingevoerd door de wet(ten) van 13 december 2002 tot wijziging van het kieswetboek en bijlage, waardoor overal in het land provinciale kieskringen zijn ingesteld, met uitzondering van de provincie Vlaams-Brabant, is onmiskenbaar strijdig is met de grondwettelijke indeling van het land en houdt een discriminatie in tegenover de kandidaten en kiezers van de provincie Vlaams-Brabant en van het Nederlands taalgebied.

Het arrest van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003 laat daaromtrent niet de minste twijfel bestaan, ik citeer:

 Door de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde te handhaven, behandelt de wetgever de kandidaten van de provincie Vlaams-Brabant op een andere wijze dan de kandidaten van de andere provincies, vermits, enerzijds, zij die kandidaat zijn in de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde in concurrentie moeten treden met kandidaten die elders dan in die provincie kandideren, en, anderzijds, zij die kandideren in de kieskring Leuven niet op dezelfde wijze worden behandeld als zij die kandideren in de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde. “

Indien u niet aanvaardt dat omtrent de politieke, administratieve en territoriale integriteit van Vlaanderen niet kan onderhandeld worden dan moet u beseffen dat u de fundamenten van het Belgisch federaal model onderuit haalt en er de gevolgen van ondergaan.

Het naleven van de Grondwet en het afdwingen van naleving ervan en de uitvoering van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 26 mei 2003 behoren tot de meest fundamentele plichten in een rechtsstaat. Daarover kan niet worden onderhandeld tenzij u het bestaan van de rechtsstaat in vraag stelt.

In uw geest is het Parlement een instelling dat alleen dienstig is als het de belangen van de Franstaligen dient; bijvoorbeeld, tegen de Vlaamse opinie in de vreemdelingenwet, de snel Belg wet en de tabakswet er door jagen onder de bedrijving van een regeringscrisis.

Als de Vlamingen vragen de Grondwet het arrest van het Grondwettelijk Hof te eerbiedigen worden zij verplicht te onderhandelen; beseft u dat u het Parlement en de parlementaire democratie hiermede tot een ordinaire zelfbedieningzaak degradeert.

Blijkbaar beseft u nog niet dat deze politiek de normale werking van de federale instellingen blokkeert en het federaal staatsverband regelrecht op de klippen laat lopen; dit is uw verantwoordelijkheid, deze van uw partij en van de Franstalingen.

Onderstaan een desbetreffend citaat uit onverdachte bron:

 La desintegration eventuelle de l’Etat belge ne sera probablement pas la resultante d’un accord entre les communaute´s, ni d’un vote au Parlement. Le separatisme ne devient une reelle menace que lorsque les institutions sont bloque´es; il s’agit d’une situation de fait.( H. VUYE en K. STANGHERLIN, ″Vers une sixieme reforme de l’Etat? Reflexions sur l’accord dit de renouveau politique du 26 avril 2002, C.D.P.K., 2002, 279.)

 Ik begrijp niet dat zich iemand die zich socialist noemt het opneemt voor de verdediging van de voorrechten van een paar tienduizend Franstalige bourgeois in de Vlaamse rand rond Brussel.

Durft u het aan uw Franstalige en Waalse landgenoten er over te informeren dat uw politieke formatie meer belang hecht aan de voorrechten van Franstalige inwoners in de Vlaamse rand, die niet tot uw gewest noch tot uw gemeenschap behoren, en waarover u per definitie geen bevoegdheid heeft, dan bekommert te zijn omtrent het welzijn van 3.500.000 Waalse landgenoten.

Ik hoop dat u de intellectuele eerlijkheid op te brengen om op deze brief te antwoorden en niet zoals in 2006, ondanks mijn aandringen (zie bijlagen), mijn brieven onbeantwoord te laten.

Bij gebreke aan enig antwoord zal ik dit beschouwen als een goedkeuren en onderschrijven van mijn analyse.

 

Met bijzondere hoogachting,

 

 

Willy DE WAELE

                             Burgemeester




Follow

Get every new post delivered to your Inbox.